Er heerst deze weken een schoonmaakwoede in verschillende huishoudens in het land. Alles in huis wordt geboend, geveegd, gestofzuigd, gedweild, alles dient spic en span te zijn. Nee, dit is niet een grote najaarsschoonmaak, maar de hindoes zijn bezig. Zij maken zich klaar voor Divali. Het feest van het licht, dit jaar op zaterdag 14 november.

Het feest van het licht wordt gevierd op de vijftiende dag na de 14 donkere dagen van de hindoemaand Ashwin. Oorspronkelijk was dit in het oude India het einde van de oogst en het samenvallen met de Nieuwe Maan. Dat valt nooit op dezelfde dag, daarom valt Divali ieder jaar op een andere dag in oktober of november.

Hindoes geloven dat die dag hoog bezoek komt. Dat de hindoegodin Lakshmi langskomt en ze zal vervullen met licht, geluk en overvloed. Daarom moet het huis worden gezuiverd van vuil en worden lichtjes gebrand om Lakshmi te verwelkomen.

Diya’s

Zodra de avond valt, worden kleine lampen (diya’s) aangestoken. Deze lampen zijn traditioneel gemaakt van klei, waarin lontjes worden gedoopt in geklaarde boter (‘ghee’). Deze aangestoken diya’s worden in elke ruimte van de woning neergezet. Tegenwoordig worden niet per se diya’s van klei gebruikt, maar ook van metaal (koper, aluminium) met ‘ghee’ erin, die ieder jaar worden hergebruikt. Het woord Divali betekent in het oude Indiase Sanskriet ‘Een rij lichtjes’. Voor en tijdens het branden van de lichtjes wordt gebeden, mantra’s opgezegd, gemediteerd en soms gezongen.

Naast Holi Phagua wordt Divali het meest gevierd door de hindoes in Nederland, Suriname, India en alle andere landen in de wereld, waar de van origine Indiase diaspora leeft.

Divali wordt meestal thuis met het gezin gevierd zonder een pandit (hindoepriester) en niet in de mandir (hindoetempel), waardoor corona nauwelijks invloed heeft

Divali wordt beschouwd als het feest waarin het licht de duisternis overwint. Deze dag zoeken familieleden en vrienden elkaar op, bellen ze, appen ze en wensen ze elkaar en via social media ‘Subh Divali’. Divali wordt meestal thuis met het gezin gevierd zonder een pandit (hindoepriester) en niet in de mandir (hindoetempel), waardoor corona nauwelijks invloed heeft. Maar er zijn ook mensen die met hun andere familieleden willen samenkomen. Dan spelen de corona-maatregelen uiteraard wel een rol. Er zijn ook mensen die na het branden van de lichtjes naar het casino gaan, omdat ze geloven dat Lakshmi ze geluk en rijkdom zal brengen. Eerder organiseerde bijvoorbeeld Holland Casino zelfs de ‘Divali Night’, maar het casinobedrijf stopte daarmee nadat diverse (religieuze) organisaties daarover hadden geklaagd, omdat gokken volgens het hindoeïsme ongepast is, en het onderwerp aandacht kreeg in de media.

Aantal hindoes

Over het aantal hindoes in Nederland bestaat discussie. Volgens de cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) waren er op 1 januari 2004 nog geen 100.000 hindoes in Nederland. Daarvan waren ruim 80.000 van Surinaams-Hindoestaanse afkomst. Maar bij andere tellingen van andere organisaties worden er ook wel 200.000 hindoes in Nederland geteld, omdat de Nederlanders en de Indiërs onvoldoende zouden worden meegerekend. Op basis van deze laatste cijfers kreeg de inmiddels verdwenen publieke hindoe-omroep OHM haar zendtijd. De hindoes in Nederland kennen een paar hoofdstromingen. De meeste hindoes – ruim 75 procent – volgen de traditionele Sanatan Dharma (‘Het Eeuwige Levenspad’), daarna volgt de veel kleinere groep ‘Arya Samaj’ (‘De Nobele Gemeenschap’) die in India is ontstaan uit een sociale en religieuze hervormingsbeweging.

Het verhaal

Het religieuze verhaal, de oorsprong van Divali voor de meeste hindoes in Nederland, heeft plaats in een oud rijk in het tegenwoordige India en staat beschreven in het hindoegeschrift en epos Ramayana. Bij Divali wordt de feestelijke terugkeer gevierd van de hindoegodheid prins Rama, zijn gemalin Sita en zijn jongere broer Lakshman in de stad Ayodhya, waarna Rama tot koning wordt gekroond. Ze kwamen terug nadat Rama de demon Ravana had gedood, die zijn vrouw Sita had ontvoerd. Rama wordt beschouwd als de manifestatie van de hindoegod Vishnu en Sita als de manifestatie van de hindoegodin Lakshmi (en gemalin van Vishnu). Kortom, er werden vele lichtjes gebrand om Rama en Sita te verwelkomen.  

Hindostanen of Hindoestanen?

Zijn Hindostanen ook Hindoestanen? Ja, dat zijn ze. Hindoestanen zijn een bevolkingsgroep en niet per definitie aanhangers van het hindoeïsme. Echter voelden Surinaams-Hindoestaanse moslims zich niet erkend, omdat de term ‘hindoe’ in de bevolkingsnaam voorkomt. Toen hebben leidende instanties waarin deze groep werd vertegenwoordigd bepaald dat ze officieel ‘Hindostanen’ zouden worden genoemd. Deze term staat sindsdien ter discussie, omdat het hier niet om de geloofsgroep gaat, maar om de bevolkingsgroep. Tegenwoordig volgen alleen nog wetenschappers en enkele organisaties nog de term ‘Hindostanen’. Hindoestanen of beter gezegd Surinaamse Hindoestanen wordt het meest gebruikt. Saillant detail: alleen Surinaamse Hindoestanen worden ‘Hindoestanen’ genoemd. In andere landen, behalve Suriname en Nederland, worden alle leden van de Indiase diasporageschiedenis ‘Indiërs’ genoemd.

 

Divali wordt gevierd door alle leden van de gemeenschap, jong en oud, in gezinnen en mensen die alleen zijn. Het is een feest van en voor iedereen. Er is net als bij veel hindoefeestdagen veel aandacht voor het eten. Er worden zoete offerspijzen bereid en er wordt vaak uitgebreid getafeld. Vegetarisch eten uiteraard, omdat het hindoeïsme vegetarisme voorschrijft.

Traditioneel gezien wordt Divali in 5 dagen gevierd. Iedere dag heeft zijn eigen rituelen en mythen:

  • Dag 1 is ‘Dhanteras’, deze valt op de dertiende dag van de maand Ashwin. Het woord ‘dhan’ betekent rijkdom.
  • Dag 2 is ‘Choti Divali’ (‘Kleine Divali’), deze valt op de veertiende dag van de maand Ashwin. De legende zegt dat deze dag ontstond nadat koning Bali halfgoden gevangen hield. Op deze dag branden veel hindoes alvast één diya om te vieren dat de apenkoning en goddelijke strijder voor Rama, Hanuman, de blijde boodschap van de terugkeer van Rama en Sita bracht.
  • Dag 3 van de Divali-festiviteiten is de belangrijkste dag van de Lakshmi Puja, de dag die door de hindoes in Nederland ‘Divali’ wordt genoemd. Deze staat geheel in het teken van de hindoegodin Lakshmi. Deze dag is ook bekend als Chopada Puja en valt op de donkere nacht van Amavasya, de donkere helft van de maand. Traditionele hindoes geloven ook dat op deze voorspoedige dag de hindoegod Krishna zijn incarnatie heeft verlaten.
  • Dag 4 is genaamd Padwa, de dag van de kroning van de koning Vikramaditya. Op deze dag begon ook de Vikram Samvat: de jaartelling van de hindoes.
  • Dag 5 is bekend als Bhaiya Dooj. Tijdens deze dag staat de liefde tussen broer en zus centraal. De broer gaat naar het huis van zijn zus om deze dag te vieren.

Tegenwoordig worden deze dagen nauwelijks meer op deze manier gevierd in Nederland. Sterker, een groeiende groep hindoes heeft geen idee dat deze dagen er ook nog zijn. Ook bij deze groep verwateren oude tradities. Zij branden nog wel de diya voor Hanuman, maar vieren alleen nog dag 3 van de 5, het feest van het licht, voor geluk en overvloed.

Surinaams-Hindoestaanse gemeenschap

De Surinaams-Hindoestaanse gemeenschap beslaat ongeveer 1 procent van de Nederlandse bevolking. Dat aantal zit tussen de 160.000 en 170.000 mensen in. Hoewel deze op deze manier cijfermatig erg klein lijkt, is de invloed van deze groep in bepaalde steden wel degelijk aanwezig. Zo is deze gemeenschap de grootste bevolkingsgroep met een migratieachtergrond in Den Haag. Daarna is de Surinaams-Hindoestaanse groep groot in Rotterdam, Amsterdam, Almere en Utrecht.

In de jaren ’70 voor én na de Surinaamse onafhankelijkheidsverklaring in 1975 trokken veel Surinaamse Hindoestanen naar Nederland, omdat ze in Suriname na de onafhankelijkheid geen hoop meer zagen op een goede toekomst. Dit was de tweede migratiegolf van deze gemeenschap. De eerste golf kwam vanaf 1873. Toen zijn vele Indiërs met mooie verhalen geronseld in opdracht van de Britten en Nederlanders om als contractarbeiders in Suriname te werken op de plantages, waar eerder de slaven uit Afrika werkten. Eenmaal in Nederland in de jaren ’70 werden veel Surinaamse Hindoestanen door de Nederlandse overheid via de toenmalige stichting Lalla Rookh verspreid over Nederland en kwamen in opvanghuizen terecht en kregen vervolgens woningen toegewezen. Interessant is dat toch de meesten na verloop van tijd richting de Randstad zijn verhuisd. De achtergeblevenen in de kleinere steden en dorpen vormen tegenwoordig nog steeds kleine, soms zeer hechte, gemeenschappen.

De meeste Surinaamse-Hindoestanen zijn hindoe van huis uit, vermoedelijk ruim driekwart van de gemeenschap. Daarnaast zijn er Surinaams-Hindoestaanse moslims en een klein deel is christen of atheïstisch. De Surinaams-Hindoestaanse gemeenschap kent, net als vele andere groepen, naast hun mooie aspecten ook veel problemen. Deze groep is niet gewend om de ‘vuile was’ buiten te hangen. Problemen worden in eerste instantie binnen de familie of gemeenschap besproken. Over deze groep wordt ook wel gezegd dat Surinaamse Hindoestanen in Nederland ‘Nederlands zijn tot aan de voordeur, maar wat daarachter gebeurt, komen we niet altijd achter’.

 

Tekst: Perdiep Ramesar

 

Jouw bijdrage

1 + 0 =
Geef het antwoord op deze rekenoefening. Voorbeeld voor 1+3: voer 4 in.