De meeste laadpalen staan in de duurste buurten, de subsidies voor zonnepanelen en groene stroom gaan vooral naar witte woonwijken. En daar wordt ook vaker biologisch gegeten, gekookt op inductieplaten en de verwarming minder hoog opgestookt. Maar wie heeft er aandacht voor duurzaam leven als ‘overleven’ de hoogste prioriteit heeft? Wie denkt er aan zonnepanelen op het dak als je maar ternauwernood de huur of hypotheek kunt betalen? Bewoners van kwetsbare wijken, die het sociaal-economisch lastig hebben en lager zijn opgeleid, zijn moeilijk te betrekken bij de energietransitie. Vooral onder bewoners met een migratieachtergrond in die wijken is de betrokkenheid bij de energietransitie laag, blijkt uit verkennend onderzoek van KIS en Klimaatverbond Nederland.

Dat de participatie van bewoners met een migratieachtergrond bij de energietransitie moeizaam verloopt, komt volgens het rapport doordat er specifieke drempels zijn, zoals culturele accenten. En door huis-tuin-en-keuken gewoonten. Zo zei één van de geïnterviewden: ‘Als je op elektriciteit kookt, smaakt het eten niet zo lekker. Je hebt toch echt vuur nodig.’ Anderen maakten zich zorgen over de kwaliteit van gebakken brood, tajines die niet op de kookplaat mogen en nieuwe theepotten die moeten worden aangeschaft bij een overgang naar inductie.

Lees het rapport 'Naar een inclusieve energietransitie'

‘De Arabische vrouw is heel precies in haar baksels’, vertelde een bewoonster. ‘Bij bewoners met een migratieachtergrond is echt behoefte aan meer voorlichting, aan informatie met aandacht voor culturele aspecten. Geef goede praktische tips om te laten zien hoe het anders kan. Zo kun je onbekendheid wegnemen, maar toon je wel respect voor de gebruiken’, aldus onderzoeker Marjolein Odekerken.

Wij-zij-denken

Een ander punt dat de onderzoekers noemen is het gevoel van uitsluiting dat sommige groepen ervaren, in een samenleving waarin het ‘wij-zij-denken’ toeneemt. Migranten ervaren de energietransitie als iets dat niet bij ‘wij’ maar bij ‘zij’ hoort. Odekerken: ‘Nog altijd wordt er volgens de respondenten teveel gedacht vanuit wit beleidsmakers perspectief.’

Bij bewoners met een migratieachtergrond is echt behoefte aan meer voorlichting, aan informatie met aandacht voor culturele aspecten  - Onderzoeker Marjolein Odekerken

Dit herkent Nirupa Shantiprekash, adviseur diversiteit en inclusie van de gemeente Arnhem: ‘Als je je niet welkom, gezien en gehoord voelt, is het lastiger volwaardig mee te doen. En als je het idee hebt dat duurzaamheid vooral een bezigheid is van hoogopgeleide witte mensen, zul je het sneller aan deze groep overlaten’, aldus Shantiprekash die in het oosten van het land betrokken is bij ‘Kleurrijk Groen’, dat gemeenten helpt bij het vormgeven van een inclusieve energietransitie en daarmee een eervolle 20ste plaats in de jaarlijkse Top 100 Duurzame Initiatieven van dagblad Trouw verdiende.

Rolmodellen

Een ander cultureel aspect dat ervoor zorgt dat de participatie van bewoners met een migratieachtergrond achterblijft, is het gebrek aan goede, herkenbare voorbeelden. ’Als mensen een voorbeeld te zien krijgen dat dichter bij hun werkelijkheid ligt, beseffen ze sneller dat het óók iets van en voor hen is. Dan staan ze eerder open om het gesprek te voeren en zullen ze sneller gemotiveerd raken’, stelt Odekerken.

Maak de energietransitie inclusiever door de boodschap te laten overbrengen door verschillende rolmodellen. Door ambassadeurs met een migratieachtergrond die bijvoorbeeld moskeeën en buurthuizen bezoeken, zo luidt het advies. ‘Zo iemand kan het naar de groep toe communiceren, in de eigen taal’, zegt een van de gesprekspartners in het onderzoek. ‘Dan gaat het van hart tot hart.’ Zo’n rolmodel spreekt volgens de respondent veel meer aan dan iemand ‘die gestudeerd heeft en helemaal pro-duurzaam is’, maar niets van de problematiek in de wijk of de leefwereld van de betrokkene begrijpt. De onderzoekers spreken over een netwerkbenadering waarmee je vertrouwen opbouwt.

 Als je het idee hebt dat duurzaamheid vooral een bezigheid is van hoogopgeleide witte mensen, zul je het sneller aan deze groep overlaten  -  Nirupa Shantiprekash, adviseur diversiteit en inclusie gemeente Arnhem

Ook Nirupa Shantiprekash ziet een rol voor rolmodellen, maar zij wijst daarnaast op verbeterpunten in de schriftelijke communicatie. ‘Bedrijven en gemeenten vinden vaak niet de juiste ingang om mensen met een migratieachtergrond te bereiken, ze staan inderdaad te ver van die leefwereld. Dat zie je terug in brieven die te lastig zijn, in plaatjes die niet aanspreken of simpelweg in een taal die niet aansluit.’

Herhaling

Leendert Odijk is projectleider ‘Aardgasvrij’ in Utrecht. In 2030 moet Overvecht Noord aardgasvrij zijn, twintig jaar later heel Utrecht. Hij ziet voldoende mogelijkheden voor het betrekken van bewoners met een migratieachtergrond bij de ‘duurzame missie’. Volgens Odijk is in het multiculturele Overvecht veel overlegd met bewoners: ‘Ze hebben meebeslist over de opzet van de communicatiemiddelen. Een deel van de bewoners krijgt een brief, we verspreiden berichten via sociale media en we benaderen anderen 1-op-1.’

Het is een ingewikkeld onderwerp dat eenvoudig moet worden uitgelegd, zo omschrijft Odijk de opdracht voor de gemeenten en bedrijven die betrokken zijn bij de energietransitie. ‘Wij geloven in de kracht van de herhaling, zodat uiteindelijk iedereen op de hoogte is. Pas als mensen er iets van weten, komen ze in beweging en gaan ze participeren.’

Wij geloven in de kracht van herhaling, zodat uiteindelijk iedereen op de hoogte is   -  Leendert Odijk, projectleider ‘Aardgasvrij’ Utrecht

Ondanks de goede bedoelingen en de extra aandacht oogstte een brief van twee kantjes van wethouder Lot van Hooijdonk (energie, mobiliteit en groen) aan de bewoners van Overvecht kritiek. Te lang, te ingewikkeld, te ambitieus, zo stond op Twitter. ‘De brief was, heel basaal, één van de communicatiemiddelen. Er was dus veel meer’, zo reageert Odijk.

Maar het kan altijd beter, stellen de onderzoekers. In het onderzoek beschrijven ze de praktische tips die de bewoners met een migratieachtergrond zelf hebben gegeven, zoals het betrekken van moeders die een belangrijke spilfunctie vervullen in de gemeenschappen.

Bewustzijn

Het ‘witte perspectief’ van gemeenten, energieleveranciers en woningcorporaties spreekt vooralsnog dus vooral de witte, hoogopgeleide voorhoede aan. De energietransitie moet inclusiever, stellen de onderzoekers. Duurzaamheid is niet alleen een zaak van de overheid, van moeilijke brieven over ingewikkelde subsidies. Er moet werk gemaakt worden van het vergroten van het draagvlak, het bijbrengen van bewustzijn: dat de energietransitie goed is voor gezondheid en klimaat. Odekerken: ‘Voor bewoners met een migratieachtergrond zijn dit waarden die als basis kunnen dienen om mensen te motiveren’.

Het gaat over grote zaken, zoals de luchtvaart en luchtverontreiniging van multinationals. Maar ook over kleine dingen die een ieder kan bijdragen, zoals afval scheiden, de verwarming wat minder ‘oppoken’ en wat vaker de fiets of het openbaar vervoer nemen. Hier ligt volgens de onderzoekers ook een belangrijke taak voor scholen, voor opleiding en voorlichting in de wijken over klimaatverandering. Odekerken: ‘Maak het iets van ons allemaal. Het kost tijd maar het is de investering waard.’

Geloof

Duurzamer leven? ‘Dat is winst voor jezelf, je portemonnee en voor je medemens. Het heeft ook betrekking op je geloof. Moet je je planeet verpesten voor dieren en planten en kinderen, dan bevind je je helemaal niet op het goede pad’, zo reageerde een van de geïnterviewden in het verkennende onderzoek van KIS. Dat moet toch iedereen aanspreken? Zo wordt het van ons allemaal!

Lees het rapport 'Naar een inclusieve energietransitie'

Auteur: Rob Pietersen

Anderen bekeken ook