Dat ervaringsdeskundigen als geen ander vertrouwen kunnen creëren bij nieuwkomers en bruggen kunnen bouwen tussen verschillende culturen, is al langer bekend. Veel organisaties zien dat ervaringsdeskundigen van grote meerwaarde zijn bij het wegwijs worden van nieuwkomers in Nederland. De Rotterdamse organisatie stichting Mano heeft een speciaal opleidingsprogramma voor ervaringsdeskundigen ontwikkeld, onderdeel van het project SamenDoorSamen. Voor het KIS magazine 'Gezien!' namen we een kijkje bij dit programma. 

Tijdens het eenjarige opleidingsprogramma van stichting Mano krijgen deelnemers 43 trainingsessies over allerlei onderwerpen zoals interculturele communicatie, het inburgeringsbeleid, stresssensitief werken, racisme en discriminatie, huiselijk geweld, en psychosociale problematiek. Ook oefenen ze met gesprekstechnieken, en feedback geven en ontvangen. De deelnemers leren alles over ervaringsdeskundigheid en hoe het eigen ervaringsverhaal ingezet kan worden in de maatschappij.

In januari 2021 is de eerste groep van 24 deelnemers begonnen. Nu zij bijna klaar zijn met het programma is Stichting Mano in gesprek met de gemeente en andere organisaties om te kijken naar toekomstige geschikte functies voor de deelnemers. Zelf heeft de stichting in de afgelopen drie jaar acht ervaringsdeskundigen in dienst genomen, en er lopen op dit moment acht ervaringsdeskundigen stage.

Training Presenteren

Om te zien hoe de opleiding in zijn werk gaat, namen twee KIS onderzoekers een kijkje bij de training ‘Presentatietechnieken’. De training wordt gegeven door Peter van Heemst, oud-Tweede Kamerlid en oud-raadslid van de PvdA in Rotterdam. De interactieve sessie van twee uur wordt gevolgd door een enthousiaste groep deelnemers tussen de 30 en 45 jaar. Wat gelijk opvalt is het hoge taalniveau: het gaat over speechen, retorische vragen, rijmen, een drieslag gebruiken, zintuigen prikkelen, stiltes laten vallen en het gebruik maken van je stem.

Rasha: ‘Stap voor stap kunnen we alles doen’

‘Ik kom uit Syrië en woon nu bijna vijf jaar in Rotterdam. Toen mijn man zijn eigen zaak opende, wees de Kamer van Koophandel ons op Stichting Mano. Daardoor ging ik dit opleidingsprogramma volgen. Inmiddels doe ik een opleiding Maatschappelijke Zorg. Ook loop ik stage bij Stichting Mano: ik begeleid maatjes en help met het organiseren van activiteiten. Deze opleiding doe ik vooral zodat ik mijn ervaring kan delen met vrouwelijke nieuwkomers. Toen ik net in Nederland was, was ik erg eenzaam. Ik durfde niet naar buiten, niet te praten en al helemaal niet mezelf te presenteren. Als ervaringsdeskundige wil ik vrouwen meegeven: ‘Stap voor stap kunnen we alles doen’’.

Opdracht

De groep krijgt 5 minuten voor de eerste opdracht: ‘Maak een verhaal van 2 minuten voor een groep vluchtelingen die net gearriveerd is in Nederland. Vertel hierin wat de vier belangrijkste dingen zijn die zij moeten weten.’ De deelnemers komen een voor een naar het midden van de zaal voor hun presentatie. De rest let goed op om feedback te kunnen geven. Minet begint: ‘De eerste sleutel is de Nederlandse taal; ten tweede het omgaan met Nederlanders; ten derde de vraag waar je informatie kunt vinden; en tenslotte timemanagement.’

Wat gelijk opvalt is het hoge taalniveau

Peter en een paar deelnemers geven feedback: ‘Heel goed dat je de groep eerst welkom heet en vertelt wat je gaat vertellen. Een spiekbriefje hoeft helemaal niet stiekem: zo kun je je handen kwijt en heb je een geheugensteuntje.’ Dan is de volgende deelnemer aan de beurt: Zij begint haar presentatie met: ‘Ik heb dezelfde ervaring als jullie’. Na haar pitch complimenteert Peter haar met deze openingszin: ‘Heel fijn dat je dat zegt! Dat geeft gelijk verbinding met je publiek’.

Kaas, aardappels en stroopwafels

Weer een andere deelnemer vertelt: ‘Toen ik in Nederland aankwam, heeft niemand mij de belangrijkste dingen vertelt. Daarom vertel ik jullie nu: je moet altijd kaas, aardappels en stroopwafels in huis hebben. Ook kun je vier seizoenen tegenkomen op één dag, dus neem verschillende kleren mee.’ Er klinkt gelach, en de groep bespreekt het belang van humor. Zo onthouden mensen je boodschap nog beter. Na deze interactieve training kunnen de deelnemers zich inschrijven voor werkgroep-bijeenkomsten over journalistiek en columns schrijven, of over interviews en lobbyen. Peter vertelt dat hij de training van vandaag vaker geeft, ook aan politici en ambtenaren. Hij is onder de indruk van hoe ver de deelnemers al zijn: ‘Ik hoop en denk dat ze hele goede sleutelpersonen worden.’

Minet: ‘Mijn droom is om schrijver te worden’ 

‘Ik ben nu drie jaar in Nederland. In Eritrea werkte ik als verpleegkundige, en begeleidde leerling-verpleegkundigen. Hier wilde ik leren: wat is de Nederlandse manier van begeleiden? In de opleiding leren we over cultuursensitief werken. Belangrijk, want er zijn zo veel culturen in Rotterdam! Nu loop ik stage bij het ziekenhuis en in een verzorgingstehuis. Daarnaast doe ik onderzoek naar mentale trauma’s bij jonge Eritreeërs in Nederland, en ben ik betrokken bij de organisatie van een congres over ervaringsdeskundigheid en statushouders. Maar mijn droom is om schrijver te worden. Ik schrijf aan een boek over timemanagement. Nederlanders zijn erg punctueel, en ik wil dat goed uitleggen aan Eritrese mensen.’

 

Terugblik

Aan het eind van de training wordt er nog een rondje gedaan over wat de deelnemers het meest is bijgebleven van alle trainingen het afgelopen jaar. Het leren over mentale gezondheid, communicatietechnieken en oplossingsgericht denken worden genoemd. Een deelneemster vertelt zichtbaar geëmotioneerd dat ze veel inspiratie krijgt van de verhalen van de anderen. Daarnaast is veel deelnemers de training over het verschil tussen integratie en assimilatie bijgebleven: ‘Dat naast het leren van de nieuwe cultuur, de eigen cultuur er ook nog mag zijn’. Tot slot noemt een deelneemster het leren over feedback geven en ontvangen: ‘In onze cultuur is dat heel lastig.’ Waarop Peter vraagt: ‘Hoe vond je dat hier tijdens de training?’ De deelneemster zegt: ‘Nou, je was zo positief, ik dacht bijna: ‘Ben jij wel eerlijk?’’. Iedereen moet lachen.

Collega’s Lieke en Razan over het werk van Stichting Mano

We spraken programmamanager Lieke Galbraith en haar collega Razan Damlakhi, een deelneemster aan het opleidingsprogramma en sinds kort bestuurslid bij Stichting Mano. Razan: ‘Wat ik fijn vind bij Stichting Mano, is dat ze in plaats van ’helpen’ anderen woorden gebruiken, zoals: ondersteunen, begeleiden, empoweren en coachen, en dat ze ervaringsdeskundigen als volwaardige collega’s zien en behandelen.’ Lieke vult aan: ‘Niemand is bij ons alleen ervaringsdeskundige. Mensen zijn ook werkzaam als vrijwilligers, stagiaires, ZZP’ers en medewerkers aangenomen voor bestaande functies, zoals projectmedewerker, maatschappelijk werker of administratieve kracht. En daarnaast zijn ze dan ervaringsdeskundige.’

Lieke en Razan

Razan: ‘Door mee te -denken, -doen, en -beslissen (in bijvoorbeeld commissies en klankbordgroepen) worden ervaringsdeskundigen bij Mano vanaf het begin betrokken bij het ontwikkelen, (inhoudelijk) vormgeven, uitvoeren, en evalueren van projecten, programma's, evenementen, activiteiten, campagnes, enzovoort. Zodoende worden wederkerigheid, eigenaarschap, en gelijkwaardigheid bevorderd!’ Lieke: ‘Er wordt zo veel van ervaringsdeskundige collega’s verwacht! Van mij verwachten deelnemers niet dat ik na vijf uur de telefoon nog opneem, van een ervaringsdeskundige collega wel. Verder wordt er van ervaringsdeskundigen gevraagd om hun ervaringen en geleefde expertise in te zetten. Veel ervaringsdeskundigen leven deze ervaringen nog dagelijks, worden met hun verleden geconfronteerd in het werk en zijn zelf nog volop in het proces van ‘thuis’ raken in Rotterdam.

Ervaringsdeskundigen worden bij Mano vanaf het begin betrokken bij het vormgeven van het programma 

De weerbaarheid, kennis en kracht van ervaringsdeskundigen moet je blijven voeden, zodat zij hun werk goed en veilig kunnen blijven doen. Het hebben van een ervaring is namelijk niet genoeg. Het is een professie met specifieke vaardigheden. Dit hebben wij ook wel moeten leren en daarom zijn wij ook gestart met de opleiding.’ Op de vraag wat ze van elkaar hebben geleerd, zegt Lieke: ‘Ik blijf nog zoveel van Razan leren, omdat ze zo analytisch en kritisch is en de dingen op zo’n andere manier bekijkt dan ik. Daardoor blijf ik scherp.’ Razan voegt toe: ‘Ik heb geluk dat ik aan het begin van dit opleidingsprogramma gekoppeld was aan Lieke als mentor, ik kan altijd op haar rekenen. Haar authenticiteit, leiderschap, en positieve mindset weten mij telkens weer te inspireren.’

Meer inspirerende voorbeelden rond integratie van nieuwkomers? Neem een kijkje in het magazine 'Gezien!'!

Foto's: Mladen Pikulić

Anderen bekeken ook

  • ‘Gezien!’, want je bent pas onderdeel van de samenleving als je gezien wordt. Gezien door je nieuwe buren. Maar ook dat gezien wordt wat je hebt te...
    Bekijk