Historicus Leo Balai schreef een boek over Herengracht 502, de ambtswoning van de burgemeester van Amsterdam. Hij onderzocht de geschiedenis van de bewoners voordat het pand door schenking eigendom werd van de gemeente: welgestelde Amsterdammers die rijk werden met de slavenhandel. ‘Dit geeft een andere dimensie aan de geschiedenis van de stad.’

Leo Balai schreef al eerder een boek over de slavenhandel. Bij het onderzoek dat hij daarvoor deed, was hij al op de naam van Paulus Godin gestuit, de eerste bewoner van het majestueuze pand op Herengracht 502. Godin was bewindvoerder van de West Indische Compagnie (WIC) en directeur van de sociëteit van Suriname. Hij was in die functies verantwoordelijk voor het opkopen en verkopen van Afrikanen die tot slaven werden gemaakt en vervoerd naar het Caribisch gebied. Het pand Herengracht 502 werd in 1927 na een schenking door de Nederlandse Handelsmaatschappij (NHM) bezit van de gemeente Amsterdam. Het dient sindsdien als burgemeesterswoning. ‘Ik ben zo vaak langs het pand gelopen’, zegt Balai. ‘Ik wilde er meer over weten.’ Meer willen weten, een understatement voor diepgaand onderzoek dat hij vervolgens deed – Balai’s dagen stonden in het teken van speuren in allerlei stadsarchieven. Zijn research leidde uiteindelijk tot een boek dat er nu ligt: Herengracht 502.

Besmeurd verleden

Het gebouw staat voor Balai symbool voor veel andere Amsterdamse grachtenpanden. Voor het pand staat een plaquette met informatie over de eerste bewoner Godin en diens bedenkelijke rol als voorman van de WIC. De Amsterdamse historicus voert in zijn boek een gedicht op van Ronald Venetiaan, de oud-president van Suriname. ‘Het is een heel mooi gedicht. Hij schrijft: “er is één grote verrader, de tijd. Die de grootste misdaden begraaft in het stof van het verleden.’ 

Er is één grote verrader, de tijd. Die de grootste misdaden begraaft in het stof van het verleden

Met zijn boek hoopt Balai juist de stof van een deel van de Amsterdamse geschiedenis weg te blazen. Er is minder aandacht voor deze zwarte bladzijde dan hij zou willen. ‘De Amsterdamse grachten staan op de werelderfgoedlijst. Terecht natuurlijk. De grachten zijn met de hand gegraven, volgebouwd, de planning, de uitgifte van de kavels. Het is een topprestatie. Maar tegelijkertijd hebben die panden een besmeurd verleden. Met de vertelling van het verhaal van Amsterdam zijn we nog niet klaar. Er is zoveel te vertellen over de stad.’ En met een verhaal over een huis kun je iets vertellen over de bewoners en hun bezigheden, stelt Balai. ‘En daarmee komt geschiedenis tot leven. Dit geeft een andere dimensie aan de geschiedenis van de stad.’

Wraakneming

De tijd is een grote verrader maar kan ook zaken ten goede doen keren, stelt de Amsterdamse historicus. Hij wijst op de gebouwen waar het NIOD (Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie) en Amnesty International gevestigd zijn. Respectievelijk aan de Herengracht 380-382 en Keizersgracht 177. Aan de handen van de bouwheer (Nienhuis) en de voormalige bewoners daarvan kleeft bloed, meent Balai. ‘Maar als je ziet waar de organisaties voor staan die nu in de panden hun werk doen… Het voert te ver om het een wraakneming door de geschiedenis te noemen maar het is wel mooi om te zien hoe dat zich kan ontwikkelen.’

Als je ziet waar de organisaties voor staan die nu in de panden hun werk doen… Het voert te ver om het een wraakneming door de geschiedenis te noemen maar het is wel mooi om te zien hoe dat zich kan ontwikkelen

Met zijn onderzoek in de archieven dook Balai dus in de handel en wandel van de vroegere bewoners van Herengracht 502. Het bracht hem behalve bij de trans-Atlantische slavernij ook bij de wantoestanden en misdragingen van bestuurders die zich in het toenmalig Nederlands-Indië voordeden. Zo besteedt de auteur bijvoorbeeld aandacht aan de Chinezenmoord uit 1740 in Batavia. Onder toeziend oog van het Nederlandse bestuur werden destijds duizenden Chinezen vermoord. Het was de gruwelijke apotheose van uit de hand gelopen omstandigheden. Door de teruggelopen inkomsten uit de suikerhandel werden meerdere plantages gesloten en kwamen de Chinese arbeiders zonder werk te zitten. Honderden van hen trokken naar de hoofdstad Batavia. Het leidde tot de uitspraak van de gouverneur Valckenier tijdens een beraad van de Indische regering om ‘alle Chinezen in de stad te ruimen’. Balai schrijft in zijn boek: ‘Vooral de in Batavia aanwezige zeelieden hebben zich schuldig gemaakt aan de moordpartijen. Waarschijnlijk werden hierbij meer dan tienduizend Chinezen vermoord. In ieder geval waren er van de 4200 Chinese inwoners van Batavia na de moorden nog maar twaalf mensen over.’

Onzinnige vergelijking

In dat deel van de wereld – Azië deden zich door de eeuwen heen, onder Nederlands bestuur dus ook talloze gruwelijkheden voor. Niet alleen in Suriname en op de Caribische eilanden. Balai: ‘We moeten er voor waken slavernijsystemen te vergelijken. Een historicus zei eens: “Er waren meer slaven in Indië dan in het Caribisch gebied". Ik vind het nogal onzinnig om vergelijkingen te maken. Je moet de systemen op zich bekijken. En tegelijkertijd moet je proberen uit te vinden als Nederland: wat is er nu aan slavernij geweest in dat koloniale verleden?’

Een historicus zei eens: “Er waren meer slaven in Indië dan in het Caribisch gebied". Ik vind het nogal onzinnig om vergelijkingen te maken. Je moet de systemen op zich bekijken

Balai had daarom graag een andere uitkomst gezien rond het nationaal trans-Atlantisch slavernijmuseum, waarover onlangs een advies is uitgebracht. Dat museum zal zich toespitsen op het trans-Atlantische slavernijverleden. ‘Ik vond dat er een museum moest komen over slavernij in de Nederlandse koloniale setting. Dan kom je uit in Kaap de Goede Hoop, in Indië en je komt in het Caribisch gebied en Suriname. Dan kun je ook een beter beeld schetsen over hoe de rijkdom hier in het Westen is binnengehaald. Of dat nu goederen waren uit Sri Lanka, Indië, Suriname of Curaçao.’
Balai – lid van de adviescommissie – heeft zijn mede-commissieleden echter niet kunnen overtuigen. ‘Ze zijn dicht bij de opdracht van de gemeente gebleven waarin al werd aangegeven dat het om het trans-Atlantische slavernijverleden moest gaan. 
‘Maar Nederland had een aantal gebieden in de wereld waar ze slavernij bedreven. We moeten elkaar verder helpen met kennis. Ook Indische Nederlanders hebben voorouders die met slavernij te maken hebben gehad. Meer aandacht voor dat verleden zou goed zijn, het voorkomt ook dat je controverses krijgt. Men voelt zich binnen die discussie achtergesteld.’ 

Herengracht 502
Het boek ‘Herengracht 502; Slavenhandel, geweld en hebzucht 1672-1927’ is op 25 juni door de auteur overhandigd aan Femke Halsema, burgemeester van Amsterdam en momenteel de bewoner van het pand.  
Leo Balai – Herengracht 502. Slavenhandel, geweld en hebzucht 1672-1927 | verschenen bij LM Publishers | ISBN  9789460225239 | paperback, 144 pagina’s | verkoopprijs € 24,50

 

 

 

 

Anderen bekeken ook

Jouw bijdrage

1 + 11 =
Geef het antwoord op deze rekenoefening. Voorbeeld voor 1+3: voer 4 in.