Een klassieke coming-out, zo noemt onderzoeker Marian van der Klein het boek Djinn van oud-politicus Tofik Dibi. Eerst een groot geheim en daarna weet iedereen in één klap dat hij op mannen valt. ‘Terwijl er juist zoveel verschillende manieren zijn waarop biculturele homoseksuelen een gelukkig leven kunnen leiden zonder uit de kast te springen. Dáár ben ik juist benieuwd naar.’

Voor Kennisplatform Inclusief Samenleven bestudeert Van der Klein, samen met haar collega’s Sven Oostrik en Suna Duysak, de levensverhalen van biculturele LHBT’s (lesbiennes, homo's, biseksuelen en transgenders) die in de afgelopen dertig jaar in diverse media zijn verschenen. Vooral interviews uit de geschreven pers, maar ook fragmenten van radio en televisie. In het onderzoek wordt ingezoomd op de verhalen van Marokkaanse, Turkse, en Surinaamse Nederlanders en biculturele LHBT’s met een vluchtelingenachtergrond. De onderzoekers willen vooral weten welke actoren en factoren een positieve invloed hebben op de mogelijkheid van de homo’s en lesbo’s in kwestie om hun eigen keuzes te kunnen maken. Ook is een doel om handvatten aan te leveren voor hulpverleners die biculturele LHBT’s begeleiden met het proces van (zelf)acceptatie.

Lessen uit het verleden

Van der Klein: ‘De afgelopen jaren is er steeds meer aandacht in de pers  voor de positie van LHBT’s in migrantengemeenschappen. We horen echter steeds hetzelfde verhaal van onderdrukking en non-acceptatie. Natuurlijk is er non-acceptatie, dat komt in de beste families voor, maar de levensverhalen van de mensen zelf laten ook andere, positiever krachten zien.’ Van der Klein pleit voor aandacht voor die beschermende factoren rond zelfbeschikking: het kunnen doen wat je zelf wilt, zonder daar anderen bij te hinderen. ‘Het lijkt mij mooi om te kijken naar wat in de loop der jaren wél heeft geholpen in de zoektocht naar levensgeluk en keuzevrijheid. Die lessen uit het verleden kunnen we gebruiken in het heden.’

Leestip!
'Niet de coming-out maar zelfacceptatie is het hoogst haalbare'. Een interview met Isjed Hoessein, homoseksueel, moslim en oprichter van de Prisma Groep.

 

Naar aanleiding van het boek van Dibi heeft Van der Klein de al verzamelde verhalen van Marokkaanse Nederlanders bekeken. Ze stelt alvast een voorzichtige conclusie: ‘In het geval van Tofik spelen angst, geweld en non-acceptatie, van de omgeving en hemzelf, een grote rol. Dit patroon zie ik ook terugkomen bij andere Marokkaans-Nederlandse LHBT’s. Maar in de collectie verhalen zit meer; het is niet alleen maar kommer en kwel.’ Marokkaanse meiden worden opgevangen door een stagebegeleidster of een voetbalvriendin, moeders reageren liefdevoller op de geaardheid van hun zoon of dochter, dan vaders. Ook vinden zij een werkbare manier om met hun religie om te gaan. ‘Goede strategieën zijn tactieken waar mensen zich prettig bij voelen, die kunnen andere jonge mensen ook weer toepassen.’

Problemen en oplossingen zijn universeel

‘We moeten niet vergeten dat autochtone LHBT’s vaak met dezelfde problemen kampen'

Tot nu lijkt het er in grote lijnen op dat de factoren die helpen bij zelfacceptatie redelijk universeel zijn. ‘Een gevoel van eigenwaarde, een goede baan, economische zelfstandigheid en vrienden die op het juiste moment een luisterend oor of woonruimte kunnen bieden. In feite helpt dat bij iedereen die in de put zit. Het is niet een specifieke Marokkaans-Nederlandse good practice.’ Hulpverleners lijken wel eens met hun handen in het haar te zitten als een biculturele LHBT zich aandient omdat zij de cultuur vaak niet kennen. Van der Klein adviseert, naar aanleiding van de levenslessen, hen vooral niet categorisch te benaderen. ‘We moeten niet vergeten dat autochtone LHBT’s vaak met dezelfde problemen kampen. Lees bijvoorbeeld het verhaal van journalist Margriet van der Linden. Een groot deel van hen is helemaal niet binnen alle domeinen, bijvoorbeeld op het werk, uit de kast. Daarin zijn wij in Nederland een stuk minder vrij dat wij misschien denken.’

In de afgelopen vijf jaar dook er achtereenvolgend een Turkse en een Marokkaanse boot op tijdens de jaarlijkse Gay Pride in Amsterdam. Voor Van der Klein is het niet het ultieme bewijs van groeiende keuzevrijheid in de groep. ‘Op de Gay Pride uit de kast komen is een publieke strategie, zoals collega onderzoekers bij Rutgers en Movisie dat noemen. Hoe jij je privéleven als homoseksueel wilt inrichten moet persoonlijk zijn, je moet happy kunnen zijn op je eigen manier. Als Dibi volgend jaar wil meevaren, lijkt me dat prima als hij zich daar prettig bij voelt. Maar het is natuurlijk bizar om te zeggen dat het een absolute must is, omdat hij anders niet homoseksueel durft te zijn.’

Op de vraag of Van der Klein nog een boodschap voor Dibi heeft, antwoordt zij als een echte onderzoeker. 'Ik ben vooral heel erg nieuwsgierig of het schrijven van Djinn hem heeft geholpen om een gelukkiger leven te leiden, of hij het gevoel heeft dat hij nu meer mogelijkheden heeft om eigen keuzes te maken. Dibi is natuurlijk een publiek figuur waardoor een boek makkelijk uitgegeven is, maar misschien helpt het andere biculturele LHBT’s ook wel om hun levensverhaal op te schrijven. Dus Tofik, heeft het schrijven je geholpen?’

 

Het onderzoek heeft tot op heden tegen de 350 gepubliceerde levensverhalen en -fragmenten verzameld en wordt naar alle verwachting begin 2016 afgerond.

Anderen bekeken ook