Heeft elke mbo-student evenveel kans op een goede stageplek? Of worden studenten met een niet-westerse achtergrond benadeeld vanwege hun naam en achtergrond? Of zijn zij zelf niet gemotiveerd genoeg, schort het hen aan sollicitatievaardigheden of kan de begeleiding vanuit school een tikkeltje beter? Dit stond centraal tijdens het kennisatelier ‘Even sterk op de stagemarkt’ van Kennisplatform Integratie & Samenleving. De deelnemers onderzochten hoe de positie van deze studenten op de stagemarkt wordt versterkt.

Stagiairs, professionals uit het onderwijs, vertegenwoordigers van leerbedrijven, gecompleteerd met een bont gezelschap aan experts en deskundigen verzamelen zich op dinsdag 8 december rond in stadskasteel Oudaen in Utrecht. In het begin enigszins onwennig schuifelen de genodigden naar de tafels, maar naargelang er meer mensen binnenstromen, is er in de ruimte een gevarieerde kakofonie te horen waarbij de deelnemers kennismaken en ervaringen over het thema van vandaag uitwisselen. De toon is gezet. Samen zullen ze uiteindelijk meerdere aanknopingspunten moeten formuleren om gelijke kansen op de stagemarkt te creëren.

Lees het complete verslag van de bijeenkomst in de publicatie Even sterk op de stagemarkt.

Het succesvol doorlopen van een stage is van groot belang voor de verdere loopbaan, schetst gespreksleider Hans Bellaart, coördinator van het portaal* van Kennisplatform Integratie & Samenleving, bij de opening van de bijeenkomst. Nog altijd is de jeugdwerkloosheid onder jongeren met een niet-westerse achtergrond vele malen hoger dan bij hun autochtone leeftijdsgenoten. Via een stageplek kunnen jongeren juist doorstromen naar een baan. Een zeer groot deel van de studenten gaat na hun studie uiteindelijk bij het bedrijf werken waar ze eerder stage hebben gelopen. Maar goed, dan moeten studenten wel eerst een (goede) stageplek met doorgroeimogelijkheden weten te vinden. Meerdere onderzoeken (zoals SBB Barometer en het rapport Schoolverlaters tussen onderwijs en arbeidsmarkt 2014) tonen aan dat studenten met een niet-westerse komaf meer moeite moeten doen tijdens hun zoektocht naar een stage. Zo doen zij er onder meer langer over om een stage vinden en moeten zij vaker solliciteren. Waar ligt dit aan?

Twee keer zo hard je best doen

Met deze vraag worden de deelnemers opgedeeld in drie verschillende groepen zodat zij, vanuit verschillende perspectieven, ervaringen kunnen uitwisselen. 'Schuw vooral niet om ook over gevoelige onderwerpen zoals discriminatie te praten', geeft Bellaart de aanwezigen als laatste boodschap mee. Makkelijk gezegd, dan gedaan. Het onderwerp is precair. Na wat ongemakkelijke stiltes durven de aanwezigen zich hier toch over uit te spreken. Studenten geven aan dat zij als jongeren met een niet-westerse achtergrond voor hun gevoel twee keer zo hard hun best moeten doen, maar ook dat zij geweigerd worden bij bepaalde functies als zij een hoofddoek dragen. Tegelijkertijd geven ze ook aan dat discriminatie bewijzen bijna een heilloze missie is. 'Als je wordt afgewezen, kun je haast niet aantonen dat het door je achternaam komt', zegt één van hen. 'Studenten gaan discriminatie ook als normaal ervaren en maken er geen melding van.'

Te hoge verwachtingen

'Op school leren we wel hoe we een cv moeten maken, maar ik heb geen idee hoe ik een sollicitatiegesprek moet voeren'

Naast discriminatie komen er in de plenaire terugkoppelingen nog meer knelpunten bovendrijven, waarin alle drie de spelers (student, onderwijsinstelling en leerbedrijf) een aandeel hebben. Studenten zijn onzeker, zijn bang om afgewezen te worden en als dat daadwerkelijk gebeurt, hebben zij niet de tools in handen om hier op een constructieve manier mee om te gaan. Ook wordt aangegeven dat onderwijsinstellingen te veel leunen op de zelfstandigheid van de student. 'Op school leren we bijvoorbeeld wel hoe wij een cv moeten maken, maar ik heb geen idee hoe ik een sollicitatiegesprek moet voeren. Ik zou hier graag meer ondersteuning vanuit school bij willen', zegt een student. De ervaring is ook dat leerbedrijven (te) hoge verwachtingen hebben van hun stagiairs. 'Studenten zijn geen professionals. Je kunt niet verwachten dat ze alles al weten. Het zou niet fair zijn als je als bedrijf eist dat een sollicitatiegesprek helemaal vlekkeloos verloopt. Ze moeten het nog leren', stelt een onderwijsprofessional.

Oplossingen

Voor een laatste keer wordt de groep opgedeeld in drieën. Nu is het tijd voor het echte werk; wat zijn eventuele oplossingen? Al snel wordt duidelijk dat hier onder de aanwezigen veel creatieve ideeën over bestaan. Zo wordt onder meer het afschaffen van de selectieprocedure en het invoeren van een proefperiode geopperd, maar ook anoniem solliciteren, het organiseren van speeddates tussen bedrijven en studenten en het meer betrekken van ouders. Na wat wikken en wegen wordt langzaam duidelijk in welke aangedragen veranderingen de aanwezigen het meeste heil zien:

  1. Investeer als school in het versterken van sollicitatievaardigheden en maak studenten meer weerbaar.
    Leer hen omgaan met afwijzingen en eventuele discriminatie. Zij moeten de angst voor afwijzingen er niet voor laten zorgen dat zij opgeven of genoegen nemen met minder.
  2. Maak discriminatie binnen het onderwijs beter bespreekbaar.
    Docenten moeten zich meer bewust worden van discriminatie, wat dit met de studenten doet en wat hun eigen rol hierin is. Het is goed om dit open met studenten te bespreken, bijvoorbeeld bij lessen burgerschap of met de leerbedrijven.
  3. Zorg dat de selectie van stagiairs door leerbedrijven zo veel mogelijk zonder vooroordelen plaatsvindt.
    Investeer in trainingen zoals Selecteren zonder vooroordelen, een training die door het College van de Rechten van de Mens is ontwikkeld.

Geconcludeerd wordt dat het een complex onderwerp is, waar zowel de student zelf, als onderwijs en leerbedrijven een aandeel in hebben. Discriminatie is niet de enige factor die een rol speelt, maar wel het meest lastig te bespreken. Het is belangrijk om hierover met meer openheid te kunnen spreken. De organisatie en de aanwezigen geven aan niet de pretentie te hebben dat met deze oplossingsrichtingen de kwetsbare positie van de studenten met een niet-westerse achtergrond in één klap verbeterd kan worden. Maar de hoop is wel dat dit kennisatelier aanleiding zal zijn om actief met de aanbevelingen aan de slag te gaan. Kennisplatform Integratie & Samenleving zal in 2016 meerdere projecten rond dit thema gaan uitvoeren.

*Het portaal van het Kennisplatform heeft als taak kennisvragen rond diversiteit en integratie te signaleren. Urgente maatschappelijke vraagstukken kunnen worden uitgediept in een kennisatelier. In een kennisatelier wordt het vraagstuk door verschillende partijen belicht. Na een scherpe analyse wordt gezocht naar creatieve oplossingsrichtingen.

Anderen bekeken ook

Jouw bijdrage

12 + 0 =
Geef het antwoord op deze rekenoefening. Voorbeeld voor 1+3: voer 4 in.