Katja Rusinovic is lector Grootstedelijke Ontwikkelingen aan de Haagse Hogeschool. Een belangrijk aspect van haar werk en het onderzoek daarbij is diversiteit. KIS sprak met haar. Onder meer over recent onderzoek naar vaccinatieweigeraars waar haar lectoraat bij betrokken was.  

‘Ja, grootstedelijke ontwikkelingen, dat is een brede naam voor een lectoraat. Daar kun je veel onder vatten’, stelt Rusinovic aan het begin van het gesprek. ‘Maar het mooie daarvan is ook dat je in kunt spelen op allerlei actuele maatschappelijke vraagstukken. Neem de coronacrisis. Die hadden we vooraf absoluut niet kunnen voorzien en kunnen opnemen in een onderzoeksprogramma. Maar onderzoek naar de maatschappelijke gevolgen van die crisis, heeft het afgelopen jaar een groot deel van ons werk omvat.’ 

Om die stelling te onderbouwen: onderzoek waar haar lectoraat bij betrokken was, heeft de ochtend van ons gesprek de krantenkolommen nog gehaald. Het betrof een onderzoek naar het vaccinatiebeleid en vaccinatieweigeraars. De bevindingen waren onderdeel van een groter onderzoek naar de gevolgen van de coronacrisis. Daarbij trok haar lectoraat samen op met onder andere de Erasmus Universiteit Rotterdam, het LUMC (Leids Universitair Medisch Centrum) en VU/Kieskompas. De belangrijkste vragen die centraal stonden: wat waren de beweegredenen van vaccinatieweigeraars en wat zijn de handelingsopties voor beleidsmakers en professionals? Rusinovic somt de vier belangrijkste beweegredenen op die de onderzoekers bij de weigeraars optekenden.   Mensen zijn bezorgd over de bijwerkingen, ze vertrouwen dat hun eigen lichaam hen zal beschermen tegen het virus, religieuze overwegingen die een rol spelen en tenslotte het wantrouwen in de overheid en de daarbij betrokken instanties.

Een terugblik op het vaccinatiebeleid van de afgelopen zes maanden leert dat er te veel uit is gegaan van de welwillendheid van mensen om zich te laten vaccineren. Er is te weinig oog geweest voor de weigeraars en de communicatie met hen. Rusinovic: ‘Er is pas op een laat moment nagedacht wat te doen met en voor deze groepen.’ Het is overigens goed, zo voegt ze toe, om een onderscheid te maken tussen twee groepen weigeraars. Enerzijds is er de groep die toegang heeft tot de juiste informatie, anderzijds is er de groep die daarover niet beschikt en door desinformatie tot de groep weigeraars is gaan behoren. ‘Bij die laatste groep speelt onwetendheid een grote rol.

Belangrijke rol huisarts

Rusinovic benadrukt ook dat veel respondenten zich nadrukkelijk niet zien als “wappie”. ‘In de berichtgeving in de media is dat vaak wel zo zwart-wit neergezet. Of je laat je vaccineren of je doet dat niet. In het laatste geval ben je dan een soort outcast vanwege die keuze.’ Zo simpel is het niet, stelt ze. ‘Bij een deel bestaan oprechte angsten en vragen. Angsten en vragen die je vaak ook weg kunt nemen.’

Het belangrijkste advies van de onderzoekers is daarom om meer in te zetten op goede informatievoorziening en maatwerk daarbij, bereikbare en mobiele priklocaties – hetgeen nu overigens steeds meer gebeurt.

Een andere belangrijke bevinding bij het onderzoek: huisartsen genieten een onverminderd hoog vertrouwen, ook van vaccinatieweigeraars. ‘Huisartsen geven zelf ook aan: als je maar goed het gesprek met mensen aangaat en goed luistert, dan kun je desinformatie goed corrigeren. Dus de inzet van huisartsen maar ook wijkverpleegkundigen en sociaal professionals bijvoorbeeld is van groot gewicht bij communicatie over vaccineren.’

Informatie herkomstland

Voor mensen met een migratieachtergrond speelt daarnaast nog iets anders mee, bleek uit het onderzoek. Rusinovic: ‘In de beginfase van corona was de informatie veelal alleen in het Nederlands beschikbaar. Daardoor grepen mensen terug op informatie uit het herkomstland. Die informatie stond op sommige punten haaks op het beleid in Nederland. Daardoor ontstond onduidelijkheid en verwarring bij hen over maatregelen.’

De rol van moskeeën in informatievoorziening blijkt een belangrijke, stelt ze. ‘En mocht het in het najaar een boost nodig zijn met vaccinaties, maak dan gebruik van de lessen die we nu hebben geleerd. Probeer er bij de derde of mogelijk vierde of vijfde prik goed op in te spelen.’ 

Pijlers lectoraat

Terug naar het brede perspectief van de thema’s van haar lectoraat. ‘Migratie en ongelijkheid zijn belangrijke pijlers in de thema’s bij het onderzoek dat we doen. Daarbij vind ik dat de verbinding met het onderwijs van groot belang is. Op een hogeschool zijn anders dan bij de universiteit onderzoek en onderwijs niet onlosmakelijk met elkaar verbonden. Dat vind ik jammer, de meerwaarde is de verbinding. Onderzoek moet je vertalen naar het onderwijs want het scherpt je gedachten: “wat is de boodschap van wat we hebben gevonden in het onderzoek?”’

Wat we vanuit KIS in contacten met beleidsprofessionals in gemeenten waarnemen is het volgende: door de krapte op de woningmarkt – zeker in grote steden – komen er meer mensen met een migratieachtergrond als inwoner terecht in kleinere gemeenten rondom de grote steden. Waar grote steden gewend zijn aan diversiteit en aan de wrijvingen die dat soms met zich meebrengt tussen inwoners, zijn die kleinere gemeenten dat niet gewend. En weten beleidsprofessionals en sociale professionals nog niet goed hoe ze daarmee moeten omgaan. Ze ervaren handelingsverlegenheid. Herken je dat vraagstuk?

‘Ik vind het een heel interessant vraagstuk. Gemeenten die recenter te maken hebben gekregen met diversiteit, hebben deze vraagstukken inderdaad prominenter op hun bord dan in grote steden waar voor velen de omgang met diversiteit, zeker voor de jongere generatie, vanzelfsprekend is. Tegelijkertijd, een van onze thema’s van ons lectoraat is diversiteitssensitief werken. We zien namelijk dat ook in grote steden professionals in het sociaal domein soms handelingsverlegenheid ervaren rondom diversiteit. En die kan zich op verschillende manieren manifesteren. Een sociaal professional die bijvoorbeeld is opgegroeid in het oosten van het land naar Rotterdam komt, is niet gewend aan die diversiteit waarmee hij of zij ineens te maken krijgt.’ En soms slagen organisaties er ook niet in om – ondanks de hoeveelheid kennis die er is – om diversiteitssensitief te werken. Maar ook de sociaal professionals met een migratieachtergrond, vers van de opleiding, die fris aan het werk gaat, kan verrassingen komen te staan, stelt Rusinovic, bijvoorbeeld doordat ze met discriminatie worden geconfronteerd in contacten met cliënten/burgers. Rusinovic: ‘Het is belangrijk dat dit niet alleen een vraagstuk van individuele werknemers is om het aan te kaarten maar dat er oplossingen komen die gedragen zijn door de organisatie.’

Lectorale rede

Op 24 september 2021 sprak Rusinovic haar lectorale rede uit.

Bekijk de rede

 

 

 

Anderen bekeken ook

  • Download de brochure (pdf) Deze brochure is bedoeld voor professionals en vrijwilligers die in contact staan met ouders/gezinnen met een...
    Bekijk