Jonge vluchtelingen succesvol door laten stromen op de arbeidsmarkt is een urgente taak voor gemeenten nu veel Syrische en Eritrese jongeren een (tijdelijke) verblijfstatus hebben gekregen. Vanwege onder meer grote niveauverschillen tussen de jongeren en gebrek aan begeleiding, wordt er nu nog te weinig talent benut en werken veel vluchtelingen uiteindelijk onder hun niveau. Dat blijkt uit een verkennende studie van het Verwey-Jonker Instituut, uitgevoerd in opdracht van Movisie.

Het Nederlandse schoolsysteem is voor jonge nieuwkomers in het begin moeilijk te doorgronden. Dat komt naar voren uit het verkennende onderzoek waar professionals uit het onderwijs en gemeenten evenals de jongeren zelf zijn geïnterviewd. Het verkennende onderzoek spitst zich toe op jongeren in de leeftijd van 13 t/m 23 jaar die nieuw zijn in Nederland. De doelgroep bestaat uit vluchtelingen met een status, alleenstaande minderjarige vreemdelingen en jonge niet-westerse nieuwkomers. Allen verblijven korter dan vijf jaar in Nederland.

Informatievoorziening schiet tekort

De jonge nieuwkomers geven aan dat ze zelf vaak hebben moeten uitvinden hoe de verschillende schoolniveaus in elkaar steken. Het lijkt erop dat nieuwkomers daardoor allemaal hetzelfde pad in het onderwijs moeten volgen. De informatievoorziening over vervolgopleidingen moet beter, bevelen de onderzoekers aan. De begeleiding die scholen nu aanbieden, is vaak onvoldoende.

Inzetten op taal

Taalachterstand maakt dat jonge nieuwkomers op een laag onderwijsniveau terecht komen. Uit gesprekken met jongeren die een hbo- of wo-diploma hebben gehaald, blijkt dat ze vaak onnodig een lange route hebben doorlopen in het onderwijs. Volgens de jongeren zelf zijn de taallessen in het eerste opvangonderwijs niet voldoende. Meer begeleiding, (vrijwillige) taalcoaches, bijlessen en peers die helpen met bijvoorbeeld huiswerk nakijken, zou volgens hen kunnen helpen. Sommige roc’s en hbo-scholen spelen op deze behoefte in met extra taalonderwijs.

Meer begeleiding

Het opleidingsniveau van jonge nieuwkomers, met name die uit Eritrea en Syrië, verschilt sterk. Deze jongeren zitten echter vaak samen in een klas, veelal door geldgebrek. Aparte klassen, meer maatwerk en meer begeleiding is het advies dat uit de studie naar voren komt. Het programma K!X Works van Movisie, waarbinnen het onderzoek is uitgevoerd, voorziet in die behoefte. Met trainingen op onder andere vaardigheden die nodig zijn om een baan te vinden en persoonlijke begeleiding van mentoren uit het bedrijfsleven, wil K!X Works jongeren stimuleren om op hun eigen niveau hun talenten te ontplooien. De jonge deelnemers – nieuwkomers tussen 13 en 23 jaar – worden een jaar lang intensief begeleid en getraind door Movisie én door vrijwilligers die zelf als vluchteling naar Nederland kwamen.

Gemeenten verantwoordelijk voor arbeidsparticipatie

Met de Participatiewet zijn gemeenten verantwoordelijk voor de arbeidsparticipatie van vluchtelingen. Sommige gemeenten zijn hierin heel actief, anderen richten zich nog vooral op huisvesting. De onderzoekers raden een integrale aanpak aan die zich richt op het snel aanbieden van geschikte woonruimte in combinatie met activering en scholing voor zowel laag-, midden- als hoogopgeleiden. Zo kunnen de jongeren zich beter voorbereiden op werk en daarmee sneller participeren in de voor hen nieuwe samenleving. Het programma K!X Works is een welkome aanvulling hierop.

Over K!X Works

Deze verkennende studie is uitgevoerd voor K!X Works, een driejarig programma van Movisie. K!X Works helpt jonge vluchtelingen bij hun weg naar een opleiding, stage of baan. De jongeren worden getraind in zelfkennis en zelfreflectie en vaardigheden als presenteren en communiceren, oriënteren zich op beroepen, bezoeken bedrijven en worden gekoppeld aan een coach uit het bedrijfsleven. K!X Works is gesubsidieerd door het Asiel, Migratie en Integratiefonds (AMIF).

Anderen bekeken ook

Jouw bijdrage

2 + 9 =
Geef het antwoord op deze rekenoefening. Voorbeeld voor 1+3: voer 4 in.