De arbeidsparticipatie van statushouders blijft sterk achter bij die van de Nederlandse beroepsbevolking en andere migranten. Werkloosheid onder deze groep heeft negatieve gevolgen, zowel voor het individu als voor de samenleving. Gemeenten proberen op allerlei manieren om statushouders aan de slag te helpen, maar wat werkt nu echt? De updates van het Wat-werkt dossier en de verbetertool van KIS vertalen wetenschappelijke kennis naar de praktijk en geven gemeenten inzicht in hoe ze de arbeidsparticipatie van statushouders kunnen vergroten.

Deze publicatie verschijnt tijdens de coronacrisis maar is eerder geschreven. We realiseren ons dat de resultaten en aanbevelingen door de ontwikkelingen wellicht in een ander daglicht komen te staan. De crisis zal bijvoorbeeld tot gevolg kunnen hebben dat de arbeidsdeelname van statushouders nog verder onder druk komt te staan.

 

Er is veel kennis en onderzoek over arbeidsparticipatie van statushouders. De hoge werkloosheid onder hen kan onder meer leiden tot armoede, schulden en gezondheidsproblemen. Reden voor KIS om wetenschappelijke kennis en onderzoek te bundelen in een ‘Wat-werkt dossier’. Eind 2018 publiceerde KIS al een Wat-werkt dossier over arbeidsparticipatie van statushouders. Deze is begin 2020 vernieuwd.

Kennis

Iedereen wil voorkomen dat een grote groep nieuwkomers over tien jaar nog in de bijstand zit

De behoefte aan kennis en aan effectieve methodes onder gemeenten is groot. Het Wat werkt-dossier op de site wordt vaak geraadpleegd. Iedereen wil voorkomen dat een grote groep nieuwkomers over tien jaar nog in de bijstand zit. Beleidsmakers zijn vooral benieuwd naar werkzame elementen, wat werkt nu echt om statushouders aan het werk te helpen?

Twee vernieuwde producten presenteert KIS in 2020. Een update van het Wat-werkt-dossier (wat werkt bij de bevordering van arbeidsparticipatie) en een update van de verbetertool voor gemeenten. Het zijn complementaire producten, legt Kirsten Tinnemans, onderzoeker bij KIS, uit. ‘Er zit een rijkdom aan actuele informatie uit onderzoek in het dossier aan de hand van concrete werkzame elementen voortkomend uit wetenschappelijke studies en evaluatierapporten. En wil je weten hoe je praktisch aan het werk kunt, dan ga je met de verbetertool aan de slag.’ Tinnemans ervaart bij beleidsprofessionals in toenemende mate de bereidheid om gebruik te maken van kennis over wat werkt bij de arbeidsdeelname van statushouders. Je baseren op eerdere opgedane kennis over wat werkt, is dan een pré.

Het vernieuwde Wat-werkt-dossier uit 2020 is aangevuld met informatie over recente kennis over wat werkt bij de arbeidsdeelname van statushouders. Zo zijn de resultaten van drie grootschalige, meerjarige ZonMw-onderzoeken erin vervat. Wat verder nieuw is, vervolgt Tinnemans, is dat een apart hoofdstuk voor maatwerk in de dienstverlening is toegevoegd, waar ook inzichten op het gebied van gender (nieuw in deze update) aan de orde komt. De elementen financiële redzaamheid en gezondheid zijn in de huidige versie als aparte onderdelen in het Wat-werkt-dossier opgenomen en deze zijn uitgebreid - net als de andere onderdelen van het dossier - met de nieuwste inzichten uit de literatuur en evaluatierapporten. Voor de lezer zijn de belangrijkste bevindingen rond de zeven werkzame elementen steeds aan het eind van elk hoofdstuk handzaam op een rij gezet (De 7 elementen zijn: taalvaardigheid, opleiding, kennis en (werknemers)vaardigheden, sociaal netwerk, gezondheid, financiële redzaamheid, goede relatie met werkgevers, maatwerk in dienstverlening).

Coronacrisis, wat nu?

Inmiddels is er de coronacrisis. Tinnemans ziet mooie, nieuwe online initiatieven nu de coronacrisis dwingt tot creatieve online oplossingen rond dit onderwerp, zoals online vormen van begeleiding van nieuwkomers in de gemeente en online taallessen door taalaanbieders. Wel is het belangrijk te monitoren welke gevolgen de coronacrisis heeft op de mogelijkheden van statushouders om zich voor te bereiden op de arbeidsmarkt, aldus Tinnemans. ‘Er zijn immers allerlei activiteiten die nu niet fysiek kunnen plaatshebben, zoals het lopen van stage en het kennismaken met de werkvloer, en ook het opbouwen van een sociaal netwerk is lastiger als je vooral thuis moet blijven.’

De verbetertool

Ook bij de geüpdatete verbetertool komen net als in het Wat-werkt-dossier de thema’s die een belangrijke rol spelen bij de arbeidsparticipatie van nieuwkomers aan bod: taalvaardigheid, opleiding, kennis en (werknemers)vaardigheden, sociaal netwerk, gezondheid, financiële redzaamheid, goede relatie met werkgevers, maatwerk in dienstverlening. Grote thema’s waar in het beleid rekening mee gehouden moet worden. Pas wanneer deze gebieden in kaart zijn gebracht, kunnen gemeenten maatwerk bieden. KIS projectleider Bora Avrić: ‘Aan de hand van zeven thema’s gaan gemeenten met de eigen aanpak aan de slag. Zo kunnen gemeenten snel zien op welke vlakken ze hoog of laag scoren. Vervolgens krijgen ze praktische verbetertips per stelling om de aanpak te verbeteren.’

Het grootste obstakel blijkt toch vaak de integrale aanpak. Het is belangrijk dat klantmanagers of andere gemeentemedewerkers die statushouders begeleiden op de hoogte zijn van al deze thema’s. Zijn er gezondheidsproblemen? Wat zijn iemands vaardigheden? Wat zijn de verwachtingen van bepaalde werkgevers, hoe regel je de ondersteuning op de werkvloer? Statushouders hebben al heel snel met allerlei instanties en professionals te maken, hoe geef je dat in de praktijk vorm? En wie houdt het overzicht?

Avrić: 'Met de nieuwe inburgeringswet die per 1 juli 20121 ingaat, komt de regie weer terug bij de gemeenten. De gemeente die toch al in overleg is met diverse partijen, kan meer op kwaliteit en flexibiliteit sturen. Voor een goed resultaat van beleid en praktijk rond de arbeidsparticipatie van statushouders is het belangrijk dat gemeenten inzicht krijgen in de werkzame elementen. Deze verbetertool bevat een selectie van  tips en informatie uit het Wat-werkt-dossier en kan een goede bijdrage leveren aan het vergroten van de arbeidsparticipatie van statushouders. Om duurzame arbeidsparticipatie te realiseren moeten we echter verder kijken dan kortetermijnoplossingen en daar kun je deze verbetertool goed voor gebruiken.’

Ga naar het Wat-werkt-dossier

Ga naar de verbetertool

2 bijdragen van onze lezers

Deel ook jouw kennis, ervaring of mening
Ik ben het er volkomen mee eens dat wij naar een integrale aanpak moeten. Het bedrijf The First Step To in Breda heeft vanaf 2017 hierop succesvol ingespeeld. In dit geval ging het om duurzame uitstroom naar het ondernemerschap onder de statushouders. Wij hebben voor 1 jaar een pilot opgestart. De verbeterpunten zijn toegepast in ons sandwichmodel. De vraag die wij ons moeten stellen is: zijn de gemeentes zover om een integrale aanpak onder de statushouders toe te passen.
Beste Grace, dank je wel voor je reactie. Fijn dat je jullie succesvolle aanpak deelt en goed om te lezen dat de verbeterpunten gelijk toegepast zijn.

Jouw bijdrage

1 + 1 =
Geef het antwoord op deze rekenoefening. Voorbeeld voor 1+3: voer 4 in.