De onderwijspotentie van inburgeraars onbenut laten is een gemiste kans. Eén van de doelen van de nieuwe Wet inburgering is om statushouders te helpen een Nederlands diploma te behalen via de zogeheten onderwijsroute. Schakeltrajecten blijken een gedegen opstap naar regulier beroepsonderwijs. KIS onderzocht wat er nodig is om meer statushouders via zo’n traject door te laten stromen.  

Circa een derde van de inburgeringsplichtigen is onder de dertig jaar en heeft nog een heel werkzaam leven voor zich. Met een Nederlands diploma vergroot zij haar kansen op de arbeidsmarkt en op passend werk. ‘Daar is winst te behalen,’ meent onderzoeker Marjan de Gruijter, ‘het is zowel voor de vluchtelingen als voor de samenleving als geheel natuurlijk mooi om te zien dat vluchtelingen met een startkwalificatie een goed leven kunnen opbouwen en iets aan de samenleving kunnen bijdragen.’

Een schakeltraject is een voorbereidende vorm van onderwijs dat een deelnemer klaarstoomt voor regulier onderwijs, zoals een mbo, hbo, of wo opleiding. De inhoud van zo’n schakelvoorziening loopt uiteen, een belangrijk aspect uit elk traject is het leren begrijpen, schrijven, spreken en lezen van de Nederlandse taal. Daarnaast zijn ook algemene studievaardigheden belangrijk. ‘Deze mensen komen vaak uit landen waar het onderwijs veel klassieker is en waarbij het vooral gaat om kennis vergaren,’ legt Marjan de Gruijter uit, ‘de overgang naar een onderwijssysteem waarbij je moet evalueren, samenwerken in groepen, presentaties houden, is best groot.’

 Naar de publicatie  

Duurzame route

Het is zowel voor de vluchtelingen als voor de samenleving als geheel natuurlijk mooi om te zien dat vluchtelingen met een startkwalificatie een goed leven kunnen opbouwen en iets aan de samenleving kunnen bijdragen

Schakeltrajecten zijn op dit moment niet eenvoudig te organiseren, zo blijkt uit gesprekken met gemeenten. Er is geen geoormerkte financiering en nog niet overal is de samenwerking tussen gemeenten en onderwijsinstellingen van de grond gekomen. Sommige schakeltrajecten hanteren taaleisen, waar potentiele deelnemers nog niet aan kunnen voldoen. En hoewel veel gemeenten erkennen dat onderwijs belangrijk is, lonkt ook een quick fix: een statushouder zo snel mogelijk aan het werk krijgen. Iemand doet zo immers werkervaring op en hoeft niet langer financieel ondersteund te worden. Maar sluit het werk aan bij de kennis en ervaring en is deze route naar werk duurzaam? ‘Als voorkomen kan worden dat mensen werk onder hun niveau moeten doen dan is dat alleen maar positief,’ vertelt Marjan. ‘Dat vereist nu wat investering in onderwijs, maar levert op den duur op. Moet iemand heel lang niet-passend werk doen dan zijn er allerlei risico’s op uitval.’

 Download de 7 tips voor klantmanagers 

Kansen en knelpunten

Een schakeltraject klinkt als een prima startpunt van een duurzame route naar onderwijs en uiteindelijk passend werk. Maar hoe zorg je er voor dat statushouders met een onderwijspotentie een schakeltraject kunnen volgen? Voorzien in een landelijk dekkend aanbod van schakelvoorzieningen is een belangrijke voorwaarde. Waar onderwijsinstellingen nu tegenaan lopen is dat er te weinig statushouders deelnemen aan het traject om rendabel te zijn. En tegelijkertijd zien gemeenten dat meer statushouders baat hebben bij voorbereidend onderwijs. Door samen te werken met andere gemeenten in de regio en door actiever belangstellenden te werven staan de schakeltrajecten sterker en is er meer plek beschikbaar. Het is daarvoor niet alleen nodig dat gemeenten samenwerken, ook tussen de gemeente en onderwijsinstellingen zou intensiever afgestemd en georganiseerd moeten worden, blijkt uit het onderzoek. Nu bestaat er soms onduidelijkheid over de vraag wie wat moet doen. Omdat schakelvoorzieningen worden opgenomen in de nieuwe Wet inburgering kunnen huidige knelpunten beter opgelost worden is de voorspelling van de onderzoekers. Schakeltrajecten krijgen dan een vaste plek in het inburgeringsaanbod van gemeenten.

Deze mensen komen vaak uit landen waar het onderwijs veel klassieker is en waarbij het vooral gaat om kennis vergaren

Betrokken docenten

Een grote succesfactor in een schakeljaar zijn betrokken docenten. (Oud)deelnemers bevestigen dit en omschrijven de docenten als erg behulpzaam, geduldig en aardig. Bovendien kiezen zij bewust voor deze doelgroep, voegt Marjan daar nog aan toe. Behalve lesgeven, komt er in de praktijk nogal wat bij kijken: een docent biedt een luisterend oor en geeft ondersteuning en begeleiding bij allerlei kwesties voor nieuwkomers, zoals hulp bij brieven van instanties. ‘En juist dat,’ zo meent Marjan, ‘zorgt voor veel voldoening bij docenten, omdat ze écht iets kunnen betekenen voor deze studenten.’ Is er niemand die een luisterend oor biedt, je helpt met de administratieve rompslomp van DUO of de Belastingdienst, dan beïnvloedt dat je leer- en concentratievermogen. Uitval is het gevolg. Een schakeltraject voorziet in één ‘loket’ waar een deelnemer terecht kan met al zijn vragen en problemen.

Blijf begeleiden

Dat een schakeltraject intensieve taallessen kan aanbieden, de deelnemer laat oefenen met allerlei studievaardigheden, én ook nog eens kan voorzien in emotionele ondersteuning is volgens Marjan een kracht en tegelijkertijd een risico. Coördinatoren merken dat docenten en medewerkers in het vervolgonderwijs niet voldoende weten over of te weinig ervaring hebben met statushouders om ze te kunnen ondersteunen. De begeleiding hoeft weliswaar niet zo intensief te zijn als in het begin, maar statushouders helemaal loslaten in een opleiding maakt de kans op uitval groter. Des te meer reden om de expertise over statushouders en onderwijs te borgen en te delen, zodat zij de beste start hebben in de onderwijsroute en niet tussen wal en schip belanden.

 Naar de publicatie  

 

Over schakeltrajecten

  • Er zijn nu zo’n veertig schakeltrajecten in Nederland, waarvan de meeste in de Randstad. Verder is er een redelijke spreiding over alle provincies (minus Zeeland).
  • Gemeenten schatten dat in 2019 gemiddeld 17% van hun statushouders een opleiding heeft gevolgd.
  • In 87% van de gemeenten is het voor statushouders mogelijk een schakeltraject te volgen. In de praktijk gebeurt dit op kleine schaal. Volgens de gemeente zouden meer statushouders hier baat bij hebben.
  • In het onderzoek van KIS werden vijf schakeltrajecten onderzocht. Er vonden gesprekken plaats met projectleiders, coördinator, (oud)deelnemers en ambtenaren van de gemeenten.

 

 

Anderen bekeken ook

Jouw bijdrage

7 + 12 =
Geef het antwoord op deze rekenoefening. Voorbeeld voor 1+3: voer 4 in.