Dat het in de praktijk een lastige opgave is om kinderen op een respectvolle manier met elkaar om te laten gaan, weet journalist Jaime Donata uit eigen ervaring als vader van een meisje van 7. Hij vraagt zich dan ook af of het de Respect Education Foundation gaat lukken om in de Week van het Respect (6 tot en met 12 november) duizend scholen, sportverenigingen en gemeentes te transformeren tot respectzone. 'Maak van de Week van Respect een doorlopende dialoog met ouders en kinderen.'

Met wat ik lees op de website kan ik het alleen maar eens zijn: 'In de Week van Respect gaan we de challenge aan om met zoveel mogelijk jongeren respectzones te creëren. Dit zijn fysieke plekken (een klas, school, sportveld, je buurt) waar verbinding centraal staat en waar iedereen zich veilig en gewaardeerd voelt. Uitgangspunt daarbij is dat je de ander behandelt zoals de ander behandeld wil worden.'

En toch, als ik denk aan de verhalen van mijn dochter (7) vraag ik mij af: gaat een week van gastlessen door BN'ers iets veranderen aan de praktijk?

Meidengedoe

Vorige week nog belandden mijn dochter en een vriendinnetje – allebei niet de minst populaire meisjes van de klas – in een schoolpleinruzie die in vakjargon meidengedoe heet. Het ene groepje meiden tegen het andere. Het was er behoorlijk heftig aan toegegaan, volgens de kleine dames. Ze waren blij dat ze met elkaar waren. Nu ken ik mijn dochter als een stoer, maar ook wel gevoelig typje, dus ik hoorde het begripvol aan. Totdat de dames vertelden dat een van de meiden uit het andere groepje had gedreigd om hen in elkaar te laten slaan door 'een broer die op karate zit'. Verbaasd vroeg ik wie dit meisje was. Nog verbaasder hoorde ik het antwoord aan. Was dat niet precies hetzelfde meisje dat mij een maand geleden nog vol belangstelling vroeg hoe het met griep van mijn dochter ging? En moest ik nou die moeder bellen, of het gewoon maar laten gaan?

Handhaven

Het is niet de eerste keer dat ik van mijn dochter dingen hoor waarvan ik denk: is dit normaal? Ik denk aan het meisje waar niemand mee wilde spelen omdat ze naar plas ‘stinkt’. Over een jongen die gepest wordt, uitgerekend door een vriendinnetje van mijn dochter. Aan meerdere groepsruzies op het schoolplein waar mijn dochter met verbijstering getuige van was, een jongen die als antwoord op een liefdesbriefje een antwoord schreef dat zo grof was dat ik hier niet eens kan opschrijven.

Ook in onze klas werden er kinderen gepest, zelfs door onze eigen leraar

Nu heb ik als jongen uit de provincie waarschijnlijk een onwaarschijnlijk idyllische kindertijd gehad. Vol ongecompliceerde jongensvriendschappen. Een tijd zonder de verheerlijking van ‘gangsters en bitches' in de media. Maar, laat ik eerlijk zijn. Ook in onze klas werden er kinderen gepest, zelfs door onze eigen leraar. Niemand greep destijds in, ook ik niet. Wil ik mijn wegkijken van toen nu met terugwerkende kracht goedmaken? En wie is er eigenlijk verantwoordelijk?

Fatsoenridder

Als vader voel ik weerstand. Weerstand om als een soort fatsoenridder andere ouders aan te spreken op het (mogelijke) gedrag van hun kind. Weerstand omdat ik geen zin heb om die 'NSB-ouder' te zijn met de braafste dochter van de klas. Ben ik dan zo'n veeleisende moderne ouder als ik vind dat het primair de verantwoordelijkheid is van een school om een sociaal veilige omgeving te garanderen voor kinderen? En hier ook scherp op te handhaven? En waar nodig ouders aan te spreken op het gedrag van hun kind?

Wil ik mijn wegkijken van toen nu met terugwerkende kracht goedmaken?

Het verhaal dat ik hierover terugkrijg uit de gesprekken met school – want ik ben er wel over in gesprek gegaan – zijn tot nu toe niet echt bevredigend naar mijn zin: ‘Het is ingewikkeld. Een beetje meidengedoe hoort er bij. Ze zijn bezig met een project in de klas dat de onderlinge sfeer moet verbeteren. Kinderen moeten ook leren om weerbaar te zijn.' Met dat laatste ben ik het helemaal eens, maar om een basisschool nu de proeftuin te maken voor weerbaarheidstraining in plaats van een veilige plek om te leren?

'In deze klas wordt niet gepest'

Ik betrap mezelf op een licht cynisme als ik terugdenk aan de 'in deze klas wordt niet gepest sticker' waarmee iedereen – ook mijn dochter – vorig jaar trots thuiskwam. En als ik denk aan het incident met de jongen die een week later half werd gelynched na een uit de hand gelopen misverstand door bijna de hele klas (inclusief mijn eigen dochter trouwens – die dat heeft geweten). Eenzelfde cynisme bekruipt mij bij deze 'Week van het Respect'. Leuk zo'n week vol trainingen op school, maar wat verandert er daadwerkelijk als ouders niet doorlopende worden betrokken bij normale omgangsvormen? Al besef ik ook dat agenderen en dingen bespreekbaar maken de enige manier is om iets in gang te zetten. Jong geleerd is immers oud gedaan?

Jouw bijdrage

3 + 5 =
Geef het antwoord op deze rekenoefening. Voorbeeld voor 1+3: voer 4 in.