De rol van het geloof blijkt steeds net weer ingewikkelder dan we zouden willen. Neem de opschudding rond de Nashville-verklaring, of de discussie over de boerka of de oproep tot gebed. En is onderwijs van moskeeën nu een goede zaak of staat het integratie in de weg? Met name de Islam speelt een opvallende rol in het debat over religie omdat deze zich soms moeilijk lijkt te verenigen met Nederlandse ‘vanzelfsprekendheden’. Wat is er aan de hand en hoe kunnen we daarmee omgaan?

Van de Nederlandse bevolking beschouwt bijna twintig procent zichzelf als ‘absoluut religieus’, zo’n dertig procent ‘absoluut niet’.  De overige vijftig procent zit er een beetje tussen in. Het aantal christenen neemt gestaag af (nu nog 31%), het aantal moslims (circa 6%) nauwelijks. Opvallend is dat – volgens het SCP - in beide groepen de beleving van jonge gelovigen intensiever wordt, alsof ze zeggen: ‘als ik geloof, dan zullen ze het weten ook!’ Kort gezegd: Nederland is weliswaar een seculier land, maar het is niet atheïstisch.

Scheiding tussen kerk en staat

Wat betekent een seculiere rechtsstaat eigenlijk en waar komt die vandaan? Diverse auteurs laten zien dat deze het product is van het christendom zelf is. Kort gezegd is dit wat er in 2000 jaar gebeurde: gelijkheid voor God – de grote Joods-christelijke innovatie sinds het klassieke godenrijk – werd gelijkheid voor de wet. Een reusachtige ontwikkeling, waar vele, vele eeuwen van strijd overheen gingen.

Met de Verlichting in de 18e eeuw nam de wetenschap de mentale leiding in het westen over. Geleidelijk ontwikkelde zich het idee dat tolerantie het beste uitgangspunt was voor een voorspoedige ontwikkeling. De scheiding tussen kerk en staat was een vorm van pacificatie, er kwam een politiek einde aan de christelijke godsdiensttwisten. De samenleving verzuilde op een vreedzame manier.

Onverschilligheid en wrevel

In de jaren zestig van de vorige eeuw verdween religie echter ook uit het publieke domein. De scheiding tussen kerk en staat werd niet alleen een wettelijk, maar ook een cultureel gegeven. Uitgerekend in die periode kwamen de eerste naoorlogse migrantengroepen binnen. Vanaf de jaren vijftig migranten uit de oude koloniën, toen de gastarbeiders uit Marokko en Turkije, er was gezinshereniging vanaf de jaren zeventig, veel vluchtelingen kwamen vanaf de jaren negentig en de expats (en de toeristen) vooral in de 21e eeuw.

De Nederlandse samenleving seculariseerde op het moment dat nieuwe geloven hun intrede deden. Dat leidde aanvankelijk tot onverschilligheid. De basishouding was vooral: ‘geloof maar wat je wilt, maar val mij er niet mee lastig’. In de 21e eeuw is deze houding niet langer vol te houden. Daarvoor zijn er teveel wrijvingen, is er teveel commotie over openbare geloofsuitingen en zijn er teveel venijnige conflicten.

Deze worden enigszins begrijpelijk als we ons realiseren dat Nederland pas vanaf de jaren zestig echt afscheid nam van zijn levensbeschouwelijke ordening. Het maakt de omgang met nieuwe religies extra moeilijk, vooral als zij openlijk beleden worden. In een samenleving waarin kerkklokken minder luiden, wekt de oproep tot gebed vanuit de moskee wrevel op. Het lijkt soms alsof we nog steeds in het Godvormige gat turen dat de secularisering achterliet.

Geloof

Geloof betekent voor veel mensen een vorm van rust en vervuld zijn, van richting en vrede, en van houvast en troost. Maar in de huidige context heeft het de potentie van een spijtzwam. Binnen zo een context is er het belang van de democratische rechtsstaat, dat historische bouwwerk dat in de loop der eeuwen werd opgetrokken te midden van alle godsdiensttwisten, economische strijd en culturele twisten.

De gelijkheid voor de wet en de vrijheid om te vinden wat je wilt zijn destijds losgebeiteld van rotsvaste overtuigingen. Niet omdat je die niet mag hebben, maar omdat anderen ook recht van spreken hebben. Dat is het grote goed van de pluriformiteit, die alleen gedragen wordt als die als zodanig begrepen en ervaren wordt. Een democratische rechtsstaat moet niet alleen technisch, maar ook humaan, moreel, intellectueel en cultureel in orde zijn. Misschien hebben we hem teveel aan juristen overgelaten.

Een gemeenschappelijke wil om er in deze samenleving iets van te maken, vraagt om een goed begrip van haar uitgangspunten, hoe gemankeerd die in de praktijk soms ook uitpakken. Ik maak mij sterk dat het burgerschapsonderwijs beter en actueler kan door het te koppelen aan kennis over de wereldgodsdiensten en de strijd daartussen, en de mogelijkheden voor vrede. En het ontstaan van de Nederlandse rechtsstaat moet in de inburgeringscursus.

De Nederlandse traditie

Internationaal zien we verschillende opvattingen over de scheiding van kerk en staat. Nederland heeft een mooie traditie van een beetje ‘smokkelen’, omdat we altijd al te maken hadden met veel levensovertuigingen: het katholicisme, vele varianten protestantisme, het joodse geloof, maar ook het communisme, de sociaaldemocratie en het liberalisme. Artikel 23 van de Grondwet (het recht op overheidsfinanciering van bijzonder onderwijs) is een vorm van inclusieve neutraliteit; de overheid garandeert gelijke mogelijkheden voor iedere religie. In veel gemeenten gaat ze daadwerkelijke samenwerking aan met kerk en moskee.

Daar heeft de overheid ook goede redenen voor. Religieuze gemeenschappen zijn voor veel mensen belangrijk; zij mediëren tussen bevolkingsgroepen en de samenleving als geheel. Religie kan werken als splijtzwam, maar ook bijdragen aan de kwaliteit van samenleven. Dat geldt voor de christelijke kerken, voor moskeeën, voor migrantenkerken – eigenlijk voor elke beweging die meent een oplossing te hebben voor de combinatie van schoonheid en leed waar wij mensen mee moeten zien te leven.

Dit is een ingekorte versie van het Jaarbericht van Kennisplatform Integratie en Samenleving dat op 13 mei wordt aangeboden aan minister Koolmees. Van Boutellier verscheen deze week tevens Het seculiere experiment; over westerse waarden in radicale tijden.

Thema: 

Anderen bekeken ook

Jouw bijdrage

1 + 3 =
Geef het antwoord op deze rekenoefening. Voorbeeld voor 1+3: voer 4 in.