De zoveelste aanslag van IS geldt voor veel mensen als bewijs dat de islam het geloof van geweld is. Daartegenover heb je de ‘islam is vrede’-moslims die stellen dat IS het tegenovergestelde is van hun geloof. Deze tweedeling zegt iets over de snelle groei van DENK.

Het moge duidelijk zijn dat 'de islam is vrede'-kamp het sinds 9/11 steeds moeilijker krijgt om die claim over te kunnen brengen. De beeldvorming liegt er toch niet om? Veel moslims blijven vooralsnog voet bij stuk houden dat terroristische groepen als IS niets met de islam van doen hebben. Niet-moslims daarentegen blijven stellen dat de islam inherent gewelddadig en groepen als IS islamitisch zouden zijn. De god van de moslims en hun profeet zouden oproepen tot afgrijselijke dingen.

Ramadan periode van rouw

Dit debat blijft stand houden terwijl alleen al gedurende de heilige maand ramadan in een week tijd bijna 200 moslims gedood zijn door IS haar toedoen, met meer dan twee keer zoveel gewonden. Paradoxaal genoeg staat de I van IS voor ‘islamitisch’, maar is het leeuwendeel van de slachtoffers van de aanslagen in Turkije (Istanbul), Bangladesh (Dhaka) en Irak (Bagdad) ook islamitisch. Voor die slachtoffers en hun nabestaanden is het ramadanfeest van een periode van feestelijkheid omgevormd tot een periode van rouw.

Ondanks de pijnlijke consequenties voor moslims door gewelddadige extremisten, wordt er extra zout in hun wonden gestrooid door te verdedigen dat de daders eigenlijk hun compagnons zouden zijn. Er gaat dus iets flink mis in de communicatie over en weer.

Waar het ook mis gaat

Bij bovengenoemde discussie wordt er negatief over een groep gesproken, terwijl die groep zichzelf niet herkent in dat beeld en het beeld bevecht. Een vergelijkbaar proces vindt plaats wanneer we breder dan moslims kijken en het over integratie hebben. De eerste associatie die integratie vandaag de dag oproept bij velen, is de gedachte dat 'nieuwkomers' zich dermate moeten aanpassen in de Nederlandse samenleving dat zij erin opgelost raken. Die gedachte is problematisch op meerdere vlakken.

Om maar even drie te noemen:

  1. ‘Integratie’ stond oorspronkelijk voor het idee dat twee entiteiten vanwege een nieuwe situatie leren omgaan met elkaar en verder leren gaan als één. Nu wordt met integreren aanpassen van één groep bedoeld, de nieuwkomer dus, terwijl deze vorm van aanpassing juist ‘assimileren’ heet.
  2. Daarnaast wordt een auto na 25 jaar een oldtimer genoemd, maar na meer dan 60 jaar hebben we het nog steeds over ‘nieuwkomers’ wanneer we spreken over Indonesische, Molukse, Surinaamse, Antilliaanse, Turkse en Marokkaanse Nederlanders.
  3. Wat dé Nederlandse samenleving inhoudt, is ook niet helder. Dat het geen onveranderlijk object als een koffiemok is, dat is duidelijk. Je zou eerder kunnen spreken over iets als een levend organisme omdat de maatschappij ook met de tijd doorgroeit. Aanpassen aan een vernieuwde situatie is op zichzelf al lastig genoeg, laat staan aan iets wat continu onderhevig is aan verandering. En daarbovenop dus ook het probleem van geen eenduidige opvatting, dat maakt het ook niet makkelijker.

Minderhedenpartij

Een paar uur na het vertrek van Kuzu en Öztürk uit de Partij van de Arbeid tweette ik:

tweet ahmet kaya

Met genoeg aspecten die terecht bekritiseerd worden, moet je het DENK tegelijkertijd ook meegeven dat zij verassend uit de hoek zijn gekomen sinds hun oprichting. Van Turkenpartij werd het kort een Moslimpartij om snel omgevormd te worden tot een Minderhedenpartij. En dat in een paar weken tijd. 

Nieuw hoofdstuk

'Het was onontkoombaar en een kwestie van tijd dat dit ongenoegen zich zou verzamelen'

Spreken van ‘het DENK-effect’ bij de herdenking voor de aanslagen in Istanbul is overtrokken, maar de discussies die sinds het vertrek van beide heren uit de PvdA gestart zijn, hebben een nieuwe perspectief in het integratiedebat ingebracht dat je daar wel over het DENK-effect kunt hebben.

‘Als een boom omvalt en er is niemand om het te horen’, luidt een oud vraagstuk, ‘maakt het dan geluid?’ Jarenlang bleek herhaaldelijk uit wetenschappelijke publicaties dat er grote onvrede heerste bij de minderheden wanneer hen door de zoveelste onderzoeker gevraagd werd naar wat zij dachten over hun plaats in het land en de debatten die over hen werden gevoerd. Men kon zich niet vinden in het beeld, vocht daartegen, maar dat geluid van onvrede kwam maar niet over op het brede publiek.

Het was onontkoombaar en een kwestie van tijd dat dit ongenoegen zich zou verzamelen. De vertegenwoordiging ervan lijkt nu bij DENK te liggen.

Als beginnende partij laat de snelle groei van DENK duidelijk zien dat hun boodschap gehoor krijgt. Of zij op den duur inhoudelijk waar kunnen maken waar zij voor staan, dus tegen verharding en vóór verbinding, moet nog blijken. Maar dat we een nieuw hoofdstuk zijn ingeslagen met hun komst staat vast. De tijd zal moeten bewijzen of het DENK-effect op het integratievraagstuk geen farce is.

Jouw bijdrage

12 + 2 =
Geef het antwoord op deze rekenoefening. Voorbeeld voor 1+3: voer 4 in.