Migratie brengt vaak risico’s met zich mee bij de opvoeding van migrantenkinderen in Nederland. Ook bij EU-arbeidsmigranten uit Midden- en Oost-Europa is dat het geval. Dit geldt uiteraard lang niet voor alle gezinnen. Ouders die zich instellen op blijvende vestiging in Nederland en een goede opleiding hebben, ervaren doorgaans geen grote problemen met de opvoeding. Laagopgeleide ouders echter − met name Bulgaren, Roma en niet-geregistreerde migranten – kampen vaak wel degelijk met specifieke opvoedingskwesties die vragem om extra aandacht vanuit het gemeentelijk jeugdbeleid.

Risicofactoren zijn onder andere:       

  • Niet-geregistreerd zijn waardoor gezinnen onzichtbaar zijn voor bijvoorbeeld opvoedingsondersteuning
  • Gebrekkige taalbeheersing van ouders die lang het idee hebben dat het verblijf in Nederland tijdelijk is
  • Psychosociale problemen van kinderen die op oudere leeftijd naar Nederland komen en hier een nieuw bestaan moeten opbouwen
  • Onbekendheid met of wantrouwen jegens voorzieningen waardoor problemen onnodig escaleren
  • Slechte woonsituatie van migrantengezinnen
  • Te veel of juist geen werk
  • Financiële problemen
  • Negatieve beeldvorming over migranten uit Midden- en Oost-Europa

Anderen bekeken ook