Europese migranten weten meestal een bestaan in Nederland op te bouwen. Ondanks tevredenheid zijn er toch knelpunten, vooral op het gebied van werk, huisvesting en taal. Dat concludeert Kennisplatform Integratie & Samenleving. Eerder bleek dat een grote meerderheid van gemeenten waar EU-migranten wonen, deze migranten nog niet goed op het netvlies heeft. We vergelijken de resultaten van twee onderzoeken.

EU-migranten vinden het lastig om betrouwbare informatie te vinden over praktische zaken als huisvesting, arbeidsvoorwaarden, taallessen en regels in Nederland. Zo blijkt ook uit het rapport van Kennisplatform Integratie & Samenleving. Uit de grootschalige enquête onder Nederlandse gemeenten, die hieraan vooraf ging, kwam naar voren dat zij behoefte hebben aan kennis over de leefsituatie van migranten uit Midden-, Oost- en Zuid-Europa om hun verblijf in goede banen te leiden. Het merendeel van deze gemeente heeft namelijk geen beleid rondom de komst en vestiging van EU-migranten. In de verdiepende vervolgstudie wordt de situatie vanuit de migranten zelf bekeken. Welke informatie- en ondersteuningsbehoefte hebben zij en wat kunnen gemeenten en andere instanties doen om hen op weg te helpen in Nederland? Gemeenten en migranten noemen voornamelijk dezelfde knelpunten. Wel wordt door beide partijen andere accenten gelegd. Een vergelijking:

Knelpunt 1: huisvesting

Gemeenten: Huisvestingskwesties staan bovenaan het lijstje knelpunten van gemeenten. Hebben ze al beleid rondom EU-migranten, dan heeft dat vaak betrekking hierop. De inspanningen van gemeenten richten zich vooral op short stay huisvesting. Soms zijn EU-migranten gehuisvest op plekken zonder woonfunctie, zoals reactieparken. Een zorg van gemeente is overbewoning, illegale verhuur en slecht kwaliteit van de woningen.

EU-migranten: De Europese migranten beamen dat er onvoldoende woningen beschikbaar zijn. Ze huren vaak particulier en betalen hoge huren. Zuid-Europese migranten in Amsterdam geven aan dat er sprake is van vooroordelen bij huisbazen waardoor ze minder makkelijk in aanmerking komt voor een woning. Soms is sprake van illegale verhuur, zodat EU-migranten zich niet op het woonadres kunnen registreren. Specifiek voor arbeidsmigranten spelen daarnaast andere problemen. Zij wonen regelmatig in gedeelde accommodaties via de werkgever. Doordat arbeidsmigranten ook hun woning verliezen wanneer zij hun baan kwijtraken, is het voor deze groep moeilijker om tegenover hun werkgever op te komen voor hun rechten.

Het niet beheersen van de Nederlandse taal is een probleem als men op zoek gaat naar werk dat beter aansluit bij het opleidingsniveau en werkervaring.

Knelpunt 2: taal

Gemeenten: Taal is een punt van aandacht voor gemeenten. Zij zien een gebrekkige beheersing van de Nederlandse taal als belemmering in hun contact met nieuwe EU-migranten maar ook als obstakel voor de integratie en participatie van Europese migranten in de samenleving.

EU-migranten: Over het algemeen vinden de migranten dat zij zich redelijk redden zonder Nederlands. Het niet of slecht beheersen van de Nederlandse taal is een probleem als men op zoek gaat naar beter werk dat meer aansluit bij het opleidingsniveau en werkervaring. Europese migranten zeggen bovendien ook meer Nederlandse vrienden te willen maken, maar ervaren daarbij ook een taalbarrière. De contacten met Nederlanders blijven daardoor oppervlakkig. Niet of slecht Nederlands spreken is ook lastig bij het contact met de school van de kinderen.

Knelpunt 3: werk

Gemeenten: Een kwart van de ondervraagde gemeenten signaleert knelpunten rondom de arbeidsmarktsituatie van Europese migranten, bijvoorbeeld omdat Europese migranten vaak in tijdelijke arbeidscontracten met weinig perspectief werken. Toch geeft zeventig procent van de gemeenten aan weinig zicht te hebben op de arbeidssituatie van EU-migranten. En weinig gemeenten hebben beleidsmaatregelen hierop geformuleerd.

EU-migranten: De meeste Europese migranten vinden redelijk gemakkelijk werk in Nederland. In economisch opzicht gaat hun leefsituatie erop vooruit. Vaak zijn het echter onzekere banen aan de onderkant van de arbeidsmarkt. Een baan vinden die past bij het opleidingsniveau, is moeilijker. Een belangrijke belemmering bij het vinden van een geschikte baan, is hun beperkte taalvaardigheid. En de onzekere banen maken het lastig om een leven in Nederland op te bouwen, aldus de migranten. Ook de arbeidsomstandigheden laten nog wel eens te wensen over, vooral voor degenen die via een uitzendbureau in Nederland werken. Ze kennen hun rechten en plichten niet en vanwege de enorme concurrentie durven ze niet voor zichzelf op te komen.

 

Bekijk alle onderzoeksresultaten in het rapport Recente EU-migranten uit Midden-, Oost- en Zuid-Europa aan het woord.

Hoe nu verder?

Kennisplatform Integratie & Samenleving heeft zich dit jaar met verschillende projecten ingezet om meer bruikbare kennis te vergaren over migranten uit Midden-, Oost- en Zuid-Europa. Begin 2016 komt het kennisplatform met aanbevelingen in de vorm van een toekomstagenda waarmee wordt bijgedragen aan een gerichter en beter lokaal overheidsbeleid dat inspeelt op de behoeften van EU-migranten. Ook worden volgend jaar de resultaten bekendgemaakt van een vergelijkende studie naar een aantal vooroplopende gemeenten als het gaat om gemeentelijk beleid ten aanzien van EU-migranten: wat kunnen andere gemeenten van hen leren?

 

Over dit onderzoek
Kennisplatform Integratie & Samenleving organiseerde binnen het project Verdiepende studie naar specifieke problemen die spelen bij nieuwe arbeidsmigratie zeven focusgroepen waarin de onderzoekers zo’n zestig migranten uit acht landen in Midden-, Oost- en Zuid-Europa spraken. De achtergrond van deze migranten is zeer divers: van thuisloze migranten die zwart werken tot hoogopgeleide kennismigranten. In aanvullende gesprekken spraken de onderzoekers met zeven medewerkers van informele steunpunten voor EU-migranten en sleutelfiguren. De resultaten uit dit onderzoek zijn niet representatief voor alle EU-migranten maar geven een goed beeld van de kwesties waarmee EU-migranten te maken krijgen als zij in Nederland komen wonen.

Jouw bijdrage

1 + 0 =
Geef het antwoord op deze rekenoefening. Voorbeeld voor 1+3: voer 4 in.