Een islamitische basisschool, een kinderopvang of huiswerkinstituut. Voorbeelden van eigen voorzieningen in het jeugddomein, opgezet door migrantengemeenschappen. In het politieke en maatschappelijke debat staan ze nogal eens ter discussie: ze zouden de integratie niet bevorderen. Kennisplatform Integratie & Samenleving doet onderzoek hiernaar en komt met een ontnuchterende conclusie: er zijn risico’s maar zeker ook kansen. Juist nu.

Door de decentralisatie van zorgtaken naar de gemeenten wordt er een groter beroep gedaan op de mensen zelf. Burgers en hun eigen netwerken moeten meer initiatief tonen en hun ‘eigen kracht’ benutten. Volgens onderzoekers Trees Pels en Mehmet Day van het Verwey-Jonker Instituut is het daarom hét moment om met een objectieve bril, voorbij de vertekende beeldvorming, naar organisaties rondom jeugd en gezin te kijken die vanuit migrantengroepen zijn opgezet. ‘De transformatie dwingt professionals van “traditionele” voorzieningen ertoe om zich te richten op de eigen kracht en het netwerk op lokaal niveau. En dan kom je dus uit op samenwerking met die eigen initiatieven’, aldus Trees Pels.

Inspelen op de vraag van hun achterban

De onderzoekers voeren momenteel een literatuuronderzoek uit naar eigen voorzieningen en hun impact op de ontwikkeling van het kind. Migrantengemeenschappen richten steeds meer eigen voorzieningen rond opvoeding, opvang, educatie en zorg voor kinderen en jeugd op. Dit komt enerzijds omdat reguliere instanties bepaalde, met name kwetsbare, groepen niet weten te bereiken. Diversiteitsbeleid is nog te veel projectenbeleid; van structurele inbedding is geen sprake. Aan de kant van de ouders spelen onbekendheid en het zich niet herkennen in het aanbod mee, soms ook wantrouwen. Mehmet Day licht toe: ‘Eigen voorzieningen slagen er beter in een verbinding te leggen met migrantengroepen. Een voorbeeld zijn islamitische zelforganisaties die succesvol moslimpleegouders weten te werven en die dus uiteindelijk hun plek innemen in de bestanden van reguliere pleegzorginstellingen.’

Als migrantengemeenschappen zichzelf niet hadden georganiseerd, dan zouden bepaalde gezinnen belangrijke steun en hulp missen. De voorzieningen uit eigen kring slagen er vaak beter in om op de vraag van hun achterban in te spelen. Denk bijvoorbeeld aan opvoedondersteuning die tegemoet komt aan specifieke vragen van migrantenouders of instructies en werkwijzen die wat betreft taal en aanpak beter aansluiten. ‘Relevantie van een benadering voor de doelgroep is volgens de literatuur een belangrijke succesfactor’, zegt Pels, ‘Voorzieningen uit eigen kring kunnen bovendien een brug vormen naar de formele instellingen. Ze zijn in die zin een aanvulling op het bestaande aanbod en een versterking van de pedagogische civil society.’

Kinderen in klas

Dubbele loyaliteit

Uit het onderzoek komt naar voren dat het meest gunstige voor de persoonlijke en maatschappelijke ontwikkeling van het kind doorgaans is dat er zowel een oriëntatie is op de eigen gemeenschap als op de ‘nieuwe’ samenleving. Oftewel een dubbele loyaliteit: op de Nederlandse samenleving – inclusief de reguliere voorzieningen, normen en waarden – en op de eigen kring met de cultuur vanuit het land van herkomst. Dit gaat het denkbeeld tegen dat assimilatie de beste aanpassingsstrategie van nieuwkomers zou zijn. Maar hierop volgt wel dat er risico’s kunnen kleven aan eigen voorzieningen, met name wanneer zij uitsluitend op binding in eigen kring gericht zijn en daardoor met de rug naar de samenleving staan. Zo kan er een kloof met de ‘mainstream’ samenleving ontstaan, bijvoorbeeld doordat jongeren leren om afstand te houden en zo minder kansen hebben bij het opbouwen van sociaal en cultureel kapitaal. Door een gebrekkig netwerk buiten hun eigen kring vinden jongeren bovendien minder gemakkelijk hun weg op de arbeidsmarkt.

Diversiteit aan voorzieningen

De ene voorziening wil een brug slaan tussen de achterban en de ‘mainstream’ samenleving, bij de ander staat juist de religieuze of culturele vorming centraal.

De effecten van eigen voorzieningen op de integratie van migrantenjongeren zijn sterk context- en situatieafhankelijk. De inventarisatie toont ook aan dat er een breed scala aan zelforganisaties is op uiteenlopende domeinen. Motieven en doelstellingen verschillen bovendien van elkaar. De ene wil een brug slaan tussen de achterban en de ‘mainstream’ samenleving, bij de ander staat juist de religieuze of culturele vorming centraal. Ook bestaan er marktgerichte initiatieven die vanuit commerciële doelstellingen activiteiten ontwikkelen zonder daar een intentioneel opvoedingsdoel aan te koppelen. Day: ‘De term ‘parallelliteit’, die vooral de laatste tijd geregeld aan deze voorzieningen wordt gekoppeld, doet vaak geen recht aan de werkelijkheid. Meestal zijn er allerlei meer of minder sterke dwarsverbanden met de bredere samenleving.’

We weten nog weinig

Onderzoekers Day en Pels verwachten de uitgebreide resultaten van het literatuuronderzoek in september publiekelijk te maken. Het onderzoek vormt de opmaat naar een veldonderzoek onder eigen voorzieningen. Het einddoel is een handreiking met praktische handvatten voor professionals en beleidsambtenaren in het jeugddomein om risico’s in te dammen en kansen te vergroten. Pels: ‘We zijn tot de ontdekking gekomen dat we nog weinig weten over eigen voorzieningen binnen migrantengemeenschappen. Ja, we weten het een en ander over islamitisch onderwijs, internaten en moskeescholen maar het aanbod is inmiddels veel breder. In het empirisch vervolgonderzoek gaan we na wat de motieven zijn om eigen voorzieningen op te zetten, welke doelen en methoden de initiators hebben. Zijn er verschillen naar domeinen of tussen organisaties die door tweede of derde generatie zijn opgezet? En wat motiveert ouders en jongeren om van deze initiatieven gebruik te maken?’ De handreiking wordt naar verwachting medio 2016 gepubliceerd. Vervolgens wordt een debatreeks georganiseerd om resultaten uit te wisselen tussen gemeenten en vertegenwoordigers van eigen voorzieningen.

Oproep!

Wilt u dat we u regelmatig op de hoogte houden van de voortgang van dit project? Stuur een e-mail naar communicatie@kis.nl.

Jouw bijdrage

4 + 0 =
Geef het antwoord op deze rekenoefening. Voorbeeld voor 1+3: voer 4 in.