Afgelopen weekend werd voor het eerst in Nederland een voetbalwedstrijd stil gelegd vanwege het racisme op de tribune. FC Den Bosch is inmiddels door het stof gegaan maar was aanvankelijk aarzelend in haar reactie. Dat in tegenstelling tot de KNVB en stervoetballers Memphis Depay en Merel van Dongen; zij veroordeelden heel duidelijk het racisme. KIS-onderzoeker Hanneke Felten en -adviseur Mellouki Cadat geven in dit artikel drie redenen waarom dit meer navolging verdient. Niet alleen door voetbalclubs maar door bijvoorbeeld docenten in de klas of leidinggevenden op de werkvloer.

Geef daders niet het woord, maar het slachtoffer

Het is een misverstand dat discriminatie op grond van afkomst en huidskleur alleen gebeurt door ‘notoire racisten’. Allereerst omdat vrijwel iedereen in meer of mindere mate vooroordelen heeft. Maar nog meer omdat bij discriminatie erg belangrijk is wat mensen denken ‘wat andere mensen denken’. Diverse onderzoeken (zoals beschreven in het Wat werkt dossier discriminatie verminderen) laten zien dat wanneer mensen horen dat iemand uit de eigen omgeving een racistische opmerking maakt, zij daarna ook racisme sneller goedkeuren.

Als mensen denken dat discrimineren ‘gewoon normaal’ is en denken ‘dat iedereen dat doet’, dan gebeurt het ook vaker

Als mensen denken dat discrimineren ‘gewoon normaal’ is en denken ‘dat iedereen dat doet’, dan gebeurt het ook vaker. Een valkuil is daarom om de daders van het racistische incident zelf aan het woord te laten. Hoe meer ruimte de daders krijgen om hun verhaal te doen, hoe normaler het lijkt wat zij doen. Naar aanleiding van het racisme bij FC Den Bosch ging dit redelijk goed in de media: in plaats van de daders heb ik op tv en op sociale media vooral de reactie van het slachtoffer, in dit geval Ahmed Mendes Moreira, voorbij horen komen. Zijn verhaal kwam bij veel mensen binnen. Door zijn verhaal te laten horen kunnen mensen mee gaan leven met hem. Onderzoek laat zien dat dit ook belangrijk is in de aanpak van racisme.

Als er racisme heeft plaatsgevonden op school of op het werk, kun je deze lijn volgen: zorg voor een platform in het geval dat het slachtoffer zijn of haar ervaringen bereid is te delen. En geef juist geen aandacht aan het verhaal van de daders; individueel ga je natuurlijk met hen in gesprek en volgen er consequenties voor hen, maar naar de klas of de collega’s toe, wordt hun slechte gedrag niet beloond met ‘minutes of fame’.

Goed voorbeeld doet volgen  

Dat mensen discrimineren omdat anderen dat ook doen, is een deprimerende gedachte. Maar gelukkig is het andersom ook waar: wanneer mensen discriminatie afkeuren, krijgt dit ook vaak navolging. Juist FC Den Bosch had hier vanaf het begin een verschil kunnen maken en een duidelijke norm kunnen stellen. Gelukkig is dit later wel gebeurd. Het is wel te betreuren dat de trainer van FC Den Bosch zich negatief uitliet over het slachtoffer. Deze ‘victim blaming’ werd echter gelukkig niet door de rest van de voetbalwereld overgenomen. Er kwam direct afkeuring van het racisme door bekende voetballers.

Ook als bedrijf kun je de norm van een positieve omgangscultuur en het verbod van discriminatie op de werkvloer (en wat dit inhoudt) op diverse manieren in de spotlight zetten

Ook dat de KNVB het racisme heel duidelijk afwijst, is heel goed. Zoals onder meer een review van Tankard en Paluck uit 2016 laat zien, stellen niet alleen mensen maar ook instituties sociale normen. Een KNVB is een goed voorbeeld van een gezaghebbend instituut dat een verschil kan maken. Maar dat geldt niet alleen voor een KNVB; ook scholen en bedrijven zijn instituten. Als school kun je bijvoorbeeld deze gelegenheid aangrijpen om nog eens onder de aandacht te brengen bij ouders en leerlingen dat racisme uit den boze is op school en wat je kan doen als je dit signaleert. Ook als bedrijf kun je de norm van een positieve omgangscultuur en het verbod van discriminatie op de werkvloer (en wat dit inhoudt) op diverse manieren in de spotlight zetten.

Ingrijpen als getuige

De meeste lof in de situatie van afgelopen weekend gaat natuurlijk naar scheidsrechter Laurens Gerrets die heeft ingegrepen bij de racistische spreekkoren. Ingrijpen bij racisme is iets wat veel mensen moeilijk vinden maar wat juist wel een positief effect kan hebben; je laat zien dat racisme niet normaal is. Veel mensen aarzelen echter vaak wanneer ze getuige zijn van discriminerende opmerkingen en hebben hier ondersteuning bij nodig. In het buitenland wordt er succes geboekt met trainingen waarin mensen heel concreet leren hoe ze in moeten grijpen als ze discriminatie zien gebeuren, onder meer op basis van de review van Nelson en anderen uit 2011. Zo leer je bijvoorbeeld duidelijk wat discriminatie precies is en wanneer je moet ingrijpen en je leert duidelijk aan te geven dat wat gebeurd is, niet kan. Precies zoals de scheidsrechter deed.

In de klas kun je dit met leerlingen oefenen. En datzelfde geldt voor op het werk. Als iedereen het vertrouwen in zichzelf krijgt, dat hij of zij in staat is om goed in te grijpen bij racisme, is de kans groter dat het ook echt gebeurt. En als dat vaak gebeurt, dan wordt er een duidelijke norm gesteld dat racisme niet oké is. En dat maakt de kans weer kleiner dat mensen zich schuldig maken aan racisme. 

Anderen bekeken ook

Jouw bijdrage

4 + 9 =
Geef het antwoord op deze rekenoefening. Voorbeeld voor 1+3: voer 4 in.